Wouter Godijn
Wouter Godijn (1955) woont en werkt in Groningen. Hij publiceerde proza in Schrijver en Caravan en debuteerde in 1997 met de roman Witte tongen. Hij schrijft literatuurkritieken voor het Nieuwsblad van het Noorden.
Daarnaast is hij dichter. Zijn eerste bundel, Alle kinderen zijn van glas (2000), werd door Kees 't Hart uitgeroepen tot de beste poëzie van het jaar 2000. Zijn tweede bundel, Langzame nederlaag (2002), werd door Neeltje Maria Min en Gerrit Komrij uitverkoren tot eerste Poëzieclubkeuze. Zijn derde bundel, De karpers en de krab (2003), werd genomineerd voor de VSB-prijs.
Lees ook het interview dat Meander met Wouter Godijn had.
Levend document van een stervende schrijver
recensie door Sharita Bhikharie van Wouter Godijn, mijn ontmoeting met God en andere avonturen, 21 november 2011
Dit is een recensie in het kader van de AKO-Literatuurprijs 2011 schaduwjury
Je bent in de eerste regels van Mijn ontmoeting met God en andere avonturen al gewaarschuwd: ‘(…) de waarheid kan men niet schrijven,’ maar toch lees je verder, terwijl je van het ene uiterste in het andere belandt. De hoofdpersoon heeft ondanks zijn MS een bijna volmaakt leven met fijne kinderen en een plezierige vrouw en toch wil hij zelfmoord plegen. Hij is erg geboeid door de boeken van schrijvers die het mysterie van het leven onder ogen durfden zien. Zelf is hij nog niet zover en blijft hierdoor in strijd met het leven. Het hele verhaal is gecentreerd rondom zijn neerslachtigheid en als je dieper in het boek raakt, kom je erachter hoe een leven behoorlijk perfect kan zijn, zo perfect dat het zelfs een depressie kan veroorzaken. Lees verder >
De depressieveling die naast Marilyn Monroe slaapt
recensie door Bob Hopman van Wouter Godijn, Mijn ontmoeting met God en andere avonturen, 28 augustus 2010
De naamloze ik-figuur uit Mijn ontmoeting met God en andere verhalen, dat in tegenstelling tot wat de titel doet vermoeden geen verhalenbundel is maar een roman, lijdt al geruime tijd aan MS. Hij ondervindt er in het dagelijks leven weinig hinder van, en hoewel zijn schrijverschap hem weinig succes oplevert, heeft hij twee lieve, mondige kinderen, Marion en Bart en een prachtige vrouw, Marleen. Zijn levenssituatie ontlokt hem dan ook vraag: ‘Hoe kón ik in godsnaam depressief worden?’ Lees verder >
Overpeinzingen in een coma
recensie door Jurriaan Vegter van Wouter Godijn, De dood van een auteur die een beetje op Wouter Godijn lijkt, 1 augustus 2007
Als je dood gaat flitst je leven aan je ogen voorbij. We hebben het allemaal zo vaak gehoord, en nooit kunnen controleren. ‘Een auteur die een beetje op Wouter Godijn lijkt’ maakt iets vergelijkbaars mee. In coma liggend is deze schrijver, die ‘J’ genoemd wordt, in een staat van hyperbewustzijn, waarin hem vijf verhalen verschijnen: ‘Als vijf vingers aan één hand. Een hand die iets gaat pakken’. In deze verhalen wordt gezocht naar een waarheid, een onderneming die steevast mislukt. Het na de proloog ingevoegde gedicht ‘In het hoofd van de stervende schrijver’ van Anneke Brassinga maakt de lezer direct al duidelijk dat we vooral niet moeten denken het universum te kunnen doorgronden. Lees verder >



