David de Poel
Mannen in pakken, jongetjes in crises
recensie door Annemijn Molenaar van David de Poel, Mannen in pakken, de grootste viezeriken die er zijn, 27 maart 2006
Wie niet beter weet zou denken dat Yvonne Kroonenberg de mannen weer aan het kanonneren is. Een cynische sekseanalyse blijft uit in Mannen in pakken, de grootste viezeriken die er zijn, wel richt David de Poel (Groningen, 1973) zich in deze verhalenbundel op relaties tussen ouders en kinderen, mannen en hoeren, idolen en hun fans. Op 20-jarige leeftijd debuteerde hij met De familie Gorman, gebaseerd op zijn ervaringen in een Tokkie-achtig gastgezin tijdens een jaartje highschool. Binnen de kaders van de literatuur probeerde hij diverse vormen uit: hij schreef novellen, een autobiografie en bracht een ode aan literaire held Boudewijn Büch in Het Verraad. Van een beetje interdisciplinariteit is De Poel niet vies. Minors als drummen en journalistiek (vorig jaar was hij biograaf van illustrator Jaap Kramer) wisselt hij af met major fictie. Zelf is De Poel ook behoorlijk major; de 2 meter 20 lange Groninger zet zijn lengte graag in bij de promotie van Mannen in pakken in Japan en weet uit ervaring dat dit wel eens hysterische toestanden kan opleveren, en dus publiciteit. Zijn nieuwste roman De buitenstaander werd in Nederland positief ontvangen. Lees verder >



