Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

alle categorieën

Reve is dood, lang leve Reve!

door Max Gortzak, Jona Lendering, Matthijs Ponte, Daan Stoffelsen, Nico Voskamp en Juliette van Wersch, 10 april 2006

‘De zon was net ondergegaan,’ vertelde zijn partner Joop Schafthuizen, toen Reve overleed. De dag was afgesloten, een leven werd afgesloten. Zijn oeuvre vond al in 1999 een eind toen de aan Alzheimer lijdende Reve zijn laatste pogingen tot literair werk deed. Sindsdien was hij steeds zorgbehoevender geworden, tot hij in het verpleegtehuis werd opgenomen waar hij op zaterdag 8 april 2006 overleed. Gerard Reve is dood. Recensieweb reageerde.

Het sterven van nummer twee van de grote drie is aanleiding tot verhitte discussies over de eeuwigheidswaarde van Reves oeuvre – zal er nog wel meer gelezen worden dan De Avonden? – en de onvervangbaarheid van de grote volksschrijver. Recensieweb draagt een steentje bij. Nico Voskamp:

‘Gerard Reve was een zegen voor de mensheid maar een vloek voor andere schrijvers. Hij had een te goede stijl. Er zijn zeker tien schrijvers die na hem debuteerden of nog steeds boeken uitbrengen, in wiens werk je invloeden kunt aanwijzen.

Wie eenmaal Reve heeft gelezen is verpest door het niet te evenaren taalgevoel waarmee zijn werken doordrenkt waren. Gegrepen door zijn perfecte zinnen is alles wat je zelf daarna als schrijver probeert af te scheiden gedoemd om door een redacteur eerst gezuiverd te worden van na-echoënde Reviaanse zinnen. Of niet. Mikken of herkenbaarheid noemen we dat. Namen noemen heeft geen zin en is bovendien niet chic, maar we kennen allemaal nog wel ergens een schrijver die volgens bovenstaand voorbeeld Reve-klonen maakt.’

Juliette van Wirsch:

‘Hoewel ik op de middelbare school me liever ook onttrok aan verplichte leeslijsten, doet dit overlijden van Reve me opeens erg veel waarde hechten aan een literaire canon. Of beter gezegd aan een verplichte lezing van minstens één van Reves boeken. Men moet immers kunnen begrijpen wat de term ‘Reviaans’ betekent in het werk van latere generaties. Zo las ik dit weekend nog op de achterflap van Aan mijn vrouw van Aat Ceelen, in een citaat uit de Standaard der Letteren over Ceelens werk, het volgende: “[...] Reviaans aandoende observaties van menselijke gedragingen [...]. “ Ik geloof niet in God, maar evenmin in toeval…’

Nico weer:

‘Laten we die Reve-klonen niet als een schande zien maar als een eerbetoon. Zeker nu de oude meester van ons verscheiden is en wij droefgeestig mijmeren over de ironie van het feit dat zo’n scherpe geest zo verpulverd door Alzheimer aan het eind moest komen, kunnen we toch enige vreugde ontlenen aan het feit dat hij voortleeft in de geschriften van zijn navolgers.’

De positieve toon van Juliëtte en Nico richt zich op Reves nalatenschap, en zijn opvolgers. Maar wat is zijn toekomst? Lotte Brugman ziet er wel degelijk één: ‘Reve is dood. Leve Reve!’ Maar Grunberg (na het oud worden van de ouden inmiddels de jonge Grote Eén) schreef al eerder in Het ParoolNRC.next citeerde er vanochtend een deel uit – dat Reve goede alinea’s schreef, maar geen goede boeken (Theo van Gogh schreef er destijds een stukje over op zijn website). Mulisch (die zichzelf als Grote Eén afficheerde, maar ja, drie min twee is niet altijd één) sprak zich er ook al weinig optimistisch over uit, net als andere, minder met Reve gebrouilleerden. De Avonden zou alles zijn wat Reve zou overleven. Dat zei Mulisch – onder andere – in de aflevering van Woestijnruiters van zondagavond. We keken,

‘maar slechts maar slechts met gemengde gevoelens. Alles doet denken aan de wijze waarop er omgegaan wordt met de dood van, pakweg, die andere grootheid, André Hazes en tegelijkertijd aan het laatste essay van, de ook al dode, Boudewijn Büch. Ik vrees met grote vrezen dat er een camera op de begrafenis gezet zal worden en er momenteel driftig aan een online overlijdingsregister wordt gebouwd’, aldus Matthijs Ponte.

Voor anderen was het goede tv rond een belangrijk nieuwsfeit. Juliette:

‘Meestal hou ik me wat afzijdig van “massale rouw”, maar deze keer kon ik me er niet aan onttrekken. Het toeval wilde dat ik gisteren met ernstige buikpijn en misselijkheid op bed lag en pas vrij laat op internet zag dat hij overleden was. Heb meteen de televisie aangezet. Paul Witteman en Jeroen Pauw met Joop Schafthuijzen aan de telefoon. Het deed mijn eigen sores van die dag vergeten.’
Max Gortzak:
‘De herdenking op zondagavond, dat was heel leuk en indrukwekkend om naar te kijken, hoe verschillende mensen op hem terugkeken, een jonge Reve te zien, dat was bijzonder.’

Laten we tot slot van deze momentopname, net na het historische moment zelf, terugkeren naar ‘toen we het te weten kwamen’, voor velen zondagochtend. Jona Lendering:

‘Zondagmorgen. Ik stommel mijn bed uit en controleer gewoontegetrouw op
mijn computer de teletekst. Het overlijdensbericht verrast me net zo min
als het gratuite commentaar dat Reve over vijftig jaar nog zal worden
gelezen.

Zou het? Toevallig heb ik het er een paar dagen eerder nog met vrienden
over gehad. Een van mijn gespreksgenoten kende een puber die _De
Avonden_ een goed boek vond, maar het eigenlijk niet begreep. Een ander
wist te vertellen dat hij op een middelbare school had gehoord dat
kinderen geen Reve meer lazen omdat ze de ironie niet begrepen. Een
derde gespreksgenoot meldde dat er de laatste jaren herdrukken waren
verschenen die de lust tot verder lezen benamen. Er bestond een _Tien
vrolijke verhalen_ waarin het voor “Bloed” noodzakelijke slotzinnetje
maar was weggelaten omdat het einde van de pagina was bereikt en er
anders een extra katern aan het boek zou moeten worden toegevoegd. Als
de uitgever de pointe van een verhaal al wegbezuinigt, moeten we er niet
van opkijken dat jongeren Reve links laten liggen, concludeerden we.

Reve was als schrijver al dood, denk ik, als ik van achter mijn computer
opsta om koffie te maken. In de keuken slingert nog een boekenbon van
vijftien euro, en vanaf het paarse papiertje kijkt de jonge Gerard me
aan. “Ik vind dit leven al geweldig,” lijkt hij te zeggen, “en straks
nog het eeuwige leven in de Hemel. Je vraagt je weleens af: ‘Waar hebben
wij het aan verdiend?’”’

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.