Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Mislukte ridderroman is geslaagde schelmenroman

door Merith Harkink, 2 april 2006

Wanneer verscheen in Nederland de laatste ridderroman? Dit middeleeuwse curiosum, waarin dappere helden vechten voor hun koning en voor jonkvrouwen in nood, geldt in de literatuur al eeuwen als hopeloos ouderwets. Dat ligt in de wereld van de cinema weer heel anders: niet alleen volgt daar de hoofdrolspeler van menige avonturenfilm nog naadloos de ridderlijke erecode, maar ook blijkt juist uit de vele variaties en reacties op dit personage – de antiheld, de sukkel die de wereld redt – hoezeer men in Hollywood de ridderlijke held en zijn normen en waarden heeft ingekapseld.

Verbannen naar het witte doek dus, de dappere en galante strijder die vecht tegen het kwade en natuurlijk voor de liefde van zijn schone jonkvrouw. Maar Marjolein Houweling vond de tijd kennelijk rijp voor een terugkeer van de aloude held in een nieuw literair jasje. Rigoureus rekent ze in Ik was een samoerai af met oude tradities: in haar nieuwe roman is de saai Europese ridder vervangen door de exotischer samoerai, de Japanse zwaardvechter die leeft om zijn koning te dienen, en de samoerai in kwestie is een zeer pittige dame die Sam heet en in het dagelijks leven werkt als redacteur bij een uitgever van reclameblaadjes. De persoon die hier haar koning is, zou volgens de oude genreconventies haar jonkvrouw zijn: de populaire rockzangeres Guus. En hoewel deze Guus haar aan het lijntje houdt en zelfs verraadt door doodleuk iets te beginnen met haar beste vriendin, blijft Sam Guus trouw wanneer die haar uiteindelijk toch weer nodig blijkt te hebben.

Houweling doorweeft deze intrige met de belevenissen van Sam op de werkvloer en verhalen over haar verleden, waarmee ze inzicht probeert te geven in het karakter van haar heldin. Sam blijkt een volstrekt eigenzinnige vrouw, een verleidster en niet vies van een oplichterijtje hier en daar, en zonder scrupules de confrontatie aangaand wanneer ze weerstand ondervindt. Deze avonturen hebben soms een dusdanig absurd karakter dat het verhaal op sommige momenten meer weg heeft van een schelmenroman dan van een ridderroman.
Op het eerste gezicht lijkt Ik was een samoerai specifiek bedoeld voor lesbische vrouwen. Dat komt grotendeels door de vanzelfsprekendheid waarmee Sam wordt neergezet als stoer, sexy en enigszins androgyn. Ook lijkt de auteur te willen inspelen op allerlei spannende fantasieën wanneer ze haar hoofdpersoon affaires laat aanknopen met enkele onbereikbare vrouwen. Zo kwam een stiekeme affaire die Sam beleeft met niemand minder dan koningin Beatrix nogal belachelijk op mij over, maar in een interview legt Houweling uit dat het hier gaat om een grapje voor insiders: ‘In de nichtenscene wordt er enorm gekokketeerd met het koningshuis met praatjes dat een van de prinsjes homo zou zijn. De potten hebben zich Bea toegeëigend, het is een Saarein-fantasie [Saarein is een vrouwencafé in Amsterdam, MH].’

Toch pretendeert dit boek meer te zijn dan een vermakelijke roman voor de doelgroep. Houweling snijdt universele thema’s aan als liefde, verraad, eenzaamheid en dood, en ze weet met een ingewikkelde structuur vol tijdsprongen spanning in haar verhaal aan te brengen. Dat Ik was een samoerai op dit niveau toch niet overtuigt, heeft alles te maken met het taalgebruik. Hoewel – of misschien juist omdat – Sam reclameschrijver van beroep is, weet ze haar liefdesuitingen niet bepaald origineel te verpakken. Clichézinnetjes als ‘ik voelde me thuis bij haar’ en ‘ik kon zien wie ze was’ getuigen voor mij niet van een grote passie. Wanneer ze zich op de liefdespoëzie stort, is het resultaat zelfs tenenkrommend: ‘Ik schreef over sterrenstof en weemoednevel en aquamarijn verdriet en ik wist dat ze mij zou begrijpen.’ En wie zichzelf ‘buitengewoon filosofisch’ waant na het uitspreken van de zin ‘Militant links, militant rechts, wat is het verschil?’, tja – die verliest eigenlijk het recht om op literair niveau nog serieus te worden genomen.

Ofschoon Sam uiteindelijk het zwaard ter hand neemt om de eer te verdedigen van haar koningin, beëindigt deze actie niet de ridderlijke verhaallijn, maar de picareske. Uiteindelijk is Ik was een samoerai beter geslaagd als een vrolijke lesbische schelmenroman dan als een serieuze moderne ridderroman. De filmwereld mag zijn helden houden.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.