Harman Nielsen
De Hoge Stad
(0)
In de Knipscheer
440 pagina's
€ 18.90
ISBN 9062655726
oordeel
andere recensies
Nederlandse fantasy met een eigen draai
door Marjolein Tamis, 4 mei 2006
In Nederland worden weinig fantasyboeken geschreven, het land telt dan ook maar een paar fantasyschrijvers. Harman Nielsen (een pseudoniem van Kees Glimmerveen) is er zo een. Hij heeft ook ‘gewone’ romans geschreven, zoals Judas, Waanzin en Michelangelo’s Marmer. Een paar jaar geleden is hij begonnen met het schrijven van een fantasy-trilogie, Het Verscholen Volk, en nu heeft hij heeft het derde deel geschreven. In deze episode, De Hoge Stad, bouwt hij verder op het verhaal dat hij is begonnen in Het Verscholen Volk (2003) en De Laatste Jacht (2004).
De serie begint met het verhaal van een buitenaards ras, de K’zan, die een groot deel van de mensheid heeft weggevoerd als slaven. Alleen de zwakken blijven uit de handen van de K’zan en zij leven dan ook verder, als riviervolk dat met boten over de rivieren trekt of als wagenvolk dat met karren over de vlaktes reist. In het laatste deel van de trilogie is een deel van deze volkeren in de kelders van de steden gaan wonen, en zij heten nu het keldervolk. Om zich te kunnen voortplanten komen de drie volkeren bij elkaar op de vlaktes. Zo nu en dan worden er Sprekers geboren, dat zijn mensen met speciale krachten waarmee ze bijvoorbeeld mensen kunnen genezen of het kunnen laten sneeuwen. Bron en Beer, en ook hun vader Mus, zijn zulke Sprekers. Zij komen erachter dat het wagen- en riviervolk massaal naar de Hoge Stad trekt en om een mysterieuze reden niet meer terugkomt. Als ze willen uitzoeken waarom, worden ze hierbij geholpen door Bles, een vrouw die met wolven reist, en Kauw, die in de Stad woont. Als ze ontdekken wat het volk tegenhoudt, gaan ze dit gevaar te lijf en proberen ze het te bevrijden.
Een minpunt is dat deze roman nogal eens in vaagheden vervalt wanneer het aankomt op de magische krachten van de hoofdpersonen en de belangrijke verhaallijnen. Er wordt bijvoorbeeld een lange tijd gesproken over een ‘schemer’ en een ‘helling’, waarvan op een later punt in het boek pas duidelijker wordt wat ermee bedoeld wordt, namelijk een soort hiernamaals. Daar gebeuren belangrijke dingen, want blijkbaar kunnen Sprekers de doden achterna gaan, met het risico dat ze zelf niet meer terug kunnen komen. Ook kunnen zij dieren temmen en het weer beïnvloeden, maar het wordt pas geleidelijk aan duidelijk dat dit met (een speciale) energie gebeurt. De vaagheden in de verhaallijnen liggen waarschijnlijk aan het feit dat een groot deel van het verhaal al is uitgelegd in de andere twee boeken. Dat maakt dat dit boek toch minder goed individueel te lezen is, want de informatie van de eerste twee verhalen is wel nodig om dit deel beter te kunnen begrijpen.
Toch is er nog genoeg van het verhaal helder om erachter te komen waar het over gaat. De parallelle gebeurtenissen worden om en om verteld en dat houdt de spanning er goed in. Terwijl Beer naar de stad reist en Bron bij het wagenvolk blijft, probeert Bles Mus te helpen bij het verlies van zijn vrouw, Grit. Een ander element versterkt de spanning. In de Hoge Stad heerst een duister, dat veroorzaakt wordt door de muur. Het schemerdonker dat Nielsen opwekt dringt door in het hele boek, wat met de magische krachten van de hoofdpersonen een mystieke sfeer creëert.
Het taalgebruik in het boek doet meer aan Engels denken dan aan Nederlands en voegt meer toe aan de betoverende vertelling. Er wordt veel ‘gesproken’ door middel van handgebaren, en bovendien hebben de volkeren hun eigen manier van spreken. Met woorden als ‘dat is de waarheid’ en ‘zo is het’ zetten de mensen hun uitingen kracht bij. Het vreemde taalgebruik neemt het alledaagse weg uit een taal die we al zo goed kennen. Ook de namen van de karakters zijn interessant omdat ze verwijzen naar de aard van de persoon. In een fantasiewereld komt dit uitstekend tot zijn recht.
Fantasy is een genre dat de meeste mensen al snel met Engelse boeken zullen associeren; The Lord of the Rings of Harry Potter zijn populaire voorbeelden. Deze Nederlandse trilogie wijkt af van de standaardformule die fantasy kent: geen elfen of dwergen, geen grote queeste die met behulp van magische voorwerpen volbracht moet worden. Nielsen beschrijft een samenleving die op de Middeleeuwen lijkt, maar dan gesitueerd in de toekomst. Niet alleen schrijft hij goed, hij geeft ook een eigen draai aan het genre. Met dit boek bewijst hij dat ook een Nederlands fantasyboek prachtig uit de verf kan komen.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.

(4/5)


