Thomas Blondeau
eX
(2006)
De Bezige Bij
352 pagina's
€ 19.90
ISBN 9789023420699
Steun Recensieweb en koop dit boek bij Athenaeum (24-uurslevering)
oordeel
andere recensies
Het leven is een tranendal, verder nog iets?
door Nico Voskamp, 9 november 2006
Het leven is niet altijd een lolletje. Het zeurt en sleurt en heeft per saldo maar weinig memorabele momenten. Er gebeurt nooit eens iets wat je leven de moeite waard maakt. Dat althans is de boodschap in Thomas Blondeaus debuutroman eX. Of dat een reden moet zijn om daarover een baksteen van een boek van 352 bladzijden vol te schrijven? Lees en oordeel zelf. Hier zijn intussen de hoofdrolspelers.
David Quispel groeit op in een dorpje waar de rijen grafkruisen nog elke dag herinneren aan de Eerste Wereldoorlog. Hij ervaart het leven als dodelijk saai. Als er maar eens iets gebeurde dat zijn leven de moeite waard maakte. Helaas. Hij probeert van alles maar meer dan het beoefenen van wat incidentele kleptomanie en het schoonmaken van de wc in de plaatselijk bar is er niet. Tot hij Franky ontmoet.
Franky heeft een autoriteitsprobleem en nog wel meer dan dat. Hij is chronisch bezig zijn grenzen te verleggen, tot verdriet van zijn vader die een behoorlijk hoge functie bij de politie heeft. Logischerwijs leidt dat tot botsingen, die Franky alleen maar verder richting bandeloosheid duwen. Een onaangepast ettertje is het. Op een glijdende schaal naar beneden.
Xander Eleman is kunstenaar, een vrij succesvolle schilder. Het klikt tussen hem, David en Franky en samen frequenteren ze de plaatselijke kroegen. Ze ondernemen roadmovie-achtige tochten met de auto. Franky aan het stuur, halfdronken, te snel rijdend, Xander blowend ernaast, soms half uit het portier hangend, en David op de achterbank in de hoop dat er iets interessants gebeurt. Helaas. Meer dan ontzettend dronken en stoned worden, derderangs barretjes bezoeken en kotsend boven de wc-pot hangen is er niet bij. Oh ja, ze stelen in het voorbijgaan nog een paar tuinkabouters.
Als ze Halcia Zgurvielova, trefzeker een ‘blonde schijnwerper’ genoemd, ontmoeten is het viertal compleet. Ze werkt voor de lokale tv maar wil meer, veel meer. Wat een gelukkig toeval. De jongens willen niets liever dan tegen de maatschappij aanschoppen. Daartoe hebben het Esthetisch Affront opgericht. Een prima onderwerp voor fascinerende tv, vindt ook Halcia, en ze maakt een soort documentaire van de jongens en hun Affront. Dat loopt uit op een poging om uit protest zandsculpturen te vernielen, een arrestatie van de jongens, de raadselachtige dood van Halcia en ten slotte de totale vertwijfeling van het drietal.
In een notendop is dat het verhaal. Thomas Blondeau koos bij het schrijven van dit boek voor het perspectief van de alwetende verteller. Verhaaltechnisch is dat niet al te boeiend. Zeker niet omdat Blondeau de verschillende personen onderling geen wezenlijk andere stem weet mee te geven dan het anarchistische taaltje waar iedereen zich in essentie van bedient. Langer dan ongeveer drie hoofdstukken blijft dat niet boeien.
Wat betreft de inhoud heeft het verhaal evenmin veel te bieden. Er worden thema’s aangesneden, er wordt quasi-filosofisch eh.. gefilosofeerd en er zijn bijzonder veel zichzelf herhalende elementen. Een terugkerende grap in het boek is de tuinkabouter. Om de haverklap worden er een paar gestolen. God weet waarom. De schrijver doet aan namedropping: Nabokov, Bukowski, maar ook hier weer missen we een verband. De zoektocht van de jongens (waarnaar, naar zichzelf?) wordt beschreven in scènes die nog het meest lijken op Jiskefet-afleveringen: kolderiek maar zonder serieuze diepgang. Intussen blijven de jongens maar studentikoze taal uitslaan en nemen ze nog een biertje.
Zoals gezegd is het verhaal lang. Erg lang. Dat mag, maar dan moet er iets te vertellen zijn. Bij Blondeau hebben we het na 200 bladzijden wel gezien. De eindeloze omzwervingen van de jongens, de roadmovie-achtige taferelen, het zuipen en blowen en het halfslachtige gezever met Halcia gaan dan ernstig tegenstaan.
Helaas moeten we dan nog 152 bladzijden. Die leiden naar de conclusie die al vanaf het begin boven het boek hangt: het leven is ellendig en zal dat blijven ook. Ja, en? Was er verder nog nieuws? Die boodschap is vaker en een stuk leuker gebracht. 352 bladzijden volschrijven had echt niet gehoeven. Het lijkt erop dat Blondeau zich een tikje vertild heeft aan deze baksteen.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.



