Kaal pleegkind verandert mensen
door Eveline Vink, 18 december 2006
Frank Noë, auteur en pleegouder, moet bij het lezen van het krantenbericht over een vondeling in de Burger King op het station nieuwsgierig zijn geworden. Nieuwsgierig naar het verhaal van dit gekke haarloze kind dat niet wil praten, naar de beweegredenen van de moeder om hem zomaar achter te laten. En vooral nieuwsgierig naar wat er verder met hem zou gebeuren. Als ervaringsdeskundige weet hij hoe dat gaat met pleegkinderen, en ik stel me zo voor dat het bericht in Noë’s hoofd bleef hangen tot er langzaam een verhaal omheen ontstond. Vanaf dat moment is het jongetje geen feit uit de krant meer, maar fictie.
Justin, een galeriehouder, is de man die het jongetje vindt. Hij heeft een vriendin, Dana, maar hun relatie is ‘al jaren problematisch’. Verder komen in het verhaal Justins zus Odine, zijn moeder Winnie en zijn oma voor. Zijn vader Claude is jaren geleden bij een auto-ongeluk om het leven gekomen, Winnie’s langdurige relatie met Paul is net uit.
Justin is het type dat, sec bekeken, alles heeft, maar toch niet echt gelukkig is. Wanneer hij in de Burger King aangeklampt wordt door een vreemd uitziend jongetje, doet hij er eerst alles aan om van het kind af te komen. De politie overtuigt hem om Luca – zoals hij blijkt te heten – een nachtje te houden, pas morgen is er plaats voor hem. Uiteraard blijkt er ook de volgende dag geen plaats te zijn, en de dagen daarna. Justin raakt aan Luca gehecht en biedt aan om hem op te vangen tot zijn moeder gevonden is.
Justin, die eerder nooit enige vadergevoelens gehad had, blijft natuurlijk niet onberoerd door het zorgen voor de vreemde kleuter. Ook Dana, Winnie en Odine veranderen door de komst van het pleegkind, zij het niet direct. Ieder heeft zijn eigen sores, die door Noë allemaal even uitgebreid behandeld worden. Maar er is hoop: Luca’s komst zet een proces in werking waar uiteindelijk iedereen beter van wordt.
Dit boek maakt weinig indruk, al valt niet direct te duiden wat daar de oorzaak van is. Noë vertelt zijn verhaal aardig, zijn hoofdpersonen worden goed genoeg uitgewerkt, er zit vaart en ontwikkeling in. Wat maakt dan dat het toch redelijk onverschillig laat? Dit boek roept geen vragen op of morele dilemma’s, het shockeert niet, verscheurt niet, verandert of emotioneert niet. Hoewel alles goed komt en iedereen elkaar aan het eind in de armen valt is Luca nergens plat of al te voorspelbaar, maar het raakt niet.
Dit komt doordat Noë te veel wil in zijn boek. Alle personages gaan een immense persoonlijke ontwikkeling door, de familieverhoudingen veranderen compleet en verschillende liefdesrelaties krijgen een nieuwe impuls. Zes weken duurde het volgens de krant tot Luca’s moeder zich in de Burger King meldde, en Noë houdt deze tijd ook aan. Al die veranderingen in een tijdsbestek van zes weken? Het moet mogelijk zijn, maar op de manier waarop Noë het beschrijft – geleidelijk, niet patsboem – zou het wel een jaar moeten duren. In dit verhaal is er simpelweg te weinig tijd en zijn er te weinig bladzijden om die ontwikkelingen aannemelijk te maken.
Frank Noë heeft een interessant uitgangspunt genomen voor zijn roman. Hij heeft boeiende karakters gekozen om zijn verhaal te bevolken, hij heeft intrigerende veranderingen voor zijn personages in petto. Waar het mis gaat, is dat hij het beschrijven heeft afgeraffeld. Om met minimale informatie een maximale wereld op te roepen is suggestie nodig, en dat is simpelweg niet de manier waarop Noë schrijft. Hij had van Luca een heerlijk dik boek kunnen maken waar je een heel weekend lang in kunt wegzinken, maar nu is het een afgeraffelde samenvatting van het verhaal dat het had kunnen zijn.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.



