Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Eigen schuld

door Ronnie van Veen, 23 mei 2007

Marjolijn Februari is veel. In de eerste plaats is ze, in het dagelijks leven, Marjolijn Drenth. Maar ze is ook M. Februari die op haar 26e debuteerde met (het bekroonde) De zonen van het uitzicht. Vervolgens mogen we haar, als we haar in academische kringen tegen het lijf lopen, aanspreken met dr. mr. drs. M. Drenth von Februar. Voor mij is ze boven dit alles toch Marjolijn Februari, begenadigd columniste voor De Volkskrant en schrijfster van de roman De literaire kring.

In deze roman schetst Februari een rustig, bijkans van de wereld afgesneden dorp, waarin de grote tuin van geslaagde zakenmannen grenst aan de tuin van zeer gewaardeerde juristen. De notabelen van het dorp komen eens in de tijd bij elkaar om boeken te bespreken. Uiteraard lezen de leden van deze literaire kring geen chicklit, nee, alleen literatuur met een kapitale L heeft hun interesse.
Het voorstel om het succesvolle, luchtige romannetje van een voormalige bewoonster van het dorp (Ruth Ackermann) te gaan lezen, hoeft dan ook niet op veel bijval te rekenen. Als de schrijfster echter aankondigt mee te willen werken aan een literaire avond in de plaatselijke kerk, waar zij zal praten over haar boek, wordt de leeskring gedwongen de roman tot zich te nemen.
De weerstand om de autobiografische pulp van meisje Ackermann te lezen blijkt niet slechts van literaire aard te zijn. Er schuilt iets ongemakkelijks achter de persoon van de schrijfster, iets wat de dorpsleden, en met name de literaire kring, jaren geleden hebben weggestopt en liever niet oprakelen.

Het is journalist Victor Herwig, eveneens voormalig bewoner van het dorp, die weet te achterhalen wat er in het rijke, vredige dorpje is voorgevallen. De vader van de schrijfster, destijds een gerespecteerd lid van de dorpsgemeenschap, blijkt in het verleden een partij vergiftigde glycerine willens en wetens te hebben doorverkocht aan een farmaceutisch bedrijf in Haïti. Deze fabriceerde er hoestdrankjes van. Niet minder dan tachtig kinderen stierven na inname van dit drankje. De vader heeft, na te zijn ontslagen, het dorp destijds verlaten. De vraag is welke dorpelingen evengoed schuld hebben.

Dit thema, schuld, is aan ethicus Februari welbesteed. Ze laat haar personages breeduit debatteren over deze en soortgelijke filosofische kwesties. Ook de alwetende verteller schrijft meerdere overpeinzingen neer die de lezer uitnodigen tot nadenken. Dit alles gebeurt in een kraakheldere taal, waardoor ze weinig toegankelijke materie (schuld, boete, macht, recht) op een eenvoudige manier uiteen weet te zetten.

De personages omschrijft ze veelvuldig met een scherpe karakterisering. De onverschillige Teresa, dochter van de oprichter van de literaire kring en getrouwd met een oudere, rijke zakenman, wordt bijvoorbeeld continu getypeerd als ongeïnteresseerde nitwit. Op een feestje in een van de riante huizen van een dorpsgenoot zegt Teresa over de andere genodigden: ‘Aardige mensen waren het allemaal, vanavond, maar chrysanten zijn ook aardig […]’

Dat citaat wijst meteen op een ander aspect waar dit boek allesbehalve verstoken van is: humor, veelal in de vorm van ironie of satire. Zo kan Iris, rijkeluisvrouw en moeder van Teresa, zich druk maken over haar nieuwe werkster die bruine schoenveters zou stelen uit de schoenen van haar man. Ook is ze bezorgd over de outfit van haar werkster:

‘Ik zit enorm met die werkster omhoog. Ze komt hier iedere week weer binnen met lakschoenen aan en zijden blouses. Als je het mij vraagt heeft ze het veel te hoog in haar bol. Enfin, zo kan ik haar niet laten schoonmaken, dus leest ze me de boeken van je vader voor.’

De ironie en satire zijn geheel verdwenen als Februari een beschrijving van een documentaire inlast. Ze laat een vrouw uit Haïti aan het woord die haar zevenjarige zoontje heeft verloren aan het vergiftigde hoestdrankje. Een beproefde methode om op het sentiment van de lezer in te spelen, maar daarom niet minder aangrijpend. Het zien van deze documentaire betekent een omslag voor de eens zo onverstoorbare Teresa. En tegelijkertijd hoor je Februari de lezer toefluisteren: U hebt mogen lachen om en meedenken met de door mij gecreëerde karakters, maar nu rijst de vraag of u weldra het boek mag dichtklappen om onverstoord verder te gaan met uw alledaagse bezigheden.

Dat lukt niet. Wat meteen de grootste verdienste van deze fraaie roman is; De literaire kring zal blijven nagonzen en de lezer ter verantwoording roepen. Dat het glycerineschandaal werkelijk heeft plaatsgevonden in de jaren 90 is een feit dat de lezer niet eens nodig heeft om over al zijn eigen schuld na te denken.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.