Tom Lanoye
Het derde huwelijk
(2006)
Prometheus
337 pagina's
€ 19.95
ISBN 9789044608137
bij Athenaeum Boekhandel
(24-uurslevering)
oordeel
elders op recensieweb
Memorabel karakter tussen filmische clichés
recensie van Het derde huwelijk
Schaduwjury: De Gouden Uil volgens De Kritiek
opiniestuk
opiniestuk
Schaduwjury: Los van deze tijd
opiniestuk
andere recensies
NRC Handelsblad
de Volkskrant
8weekly
Literair Nederland
De Recensie
Urbanmag
Een geslaagd huwelijk tussen auteur en verhaal
door Maaike Van de Voorde, 9 november 2007
(Dit is een recensie in het kader van de AKO Literatuurprijs Schaduwjury)
De roman Het derde huwelijk van Tom Lanoye vertelt het verhaal van Maarten Seebregs, een oude, doodzieke man. Op een dag doet een wildvreemde hem een merkwaardig voorstel: Maarten moet, tegen betaling, trouwen met zijn Afrikaanse verloofde Tamara. De man zelf wordt achternagezeten door de Dienst Vreemdelingenzaken en het is dus onmogelijk voor hem om zelf met haar te trouwen. Wanneer de Afrikaanse vrouw eenmaal de Belgische nationaliteit verworven heeft, kan Maarten van haar scheiden.
Zo luidt het oorspronkelijke plan. Maar uiteindelijk komt er van dit hele vooropgezette scenario niets terecht.
Het verhaal begint met het gesprek tussen Maarten en zijn opdrachtgever. Maarten, in de gedaante van een ik-verteller, geeft deze dialoog heel nauwkeurig weer. Daarmee is de toon gezet voor het verdere verloop van het boek. Elke gebeurtenis wordt uitvoerig beschreven, met aandacht voor details zoals de lichtinval en de positie van de personages. Deze weergave van de feiten alsof het om een filmscène gaat en het gebruik van termen uit de filmwereld typeren de manier waarop Maarten de wereld ziet. Als gewezen locatiescout kan hij zijn beroep maar moeilijk loslaten en dat levert heel wat filmische passages op:
‘Als ik zou mogen adviseren aangaande dat slotshot, ik opteerde voor een doodgewone camera. Losweg op de schouder gedragen, als een wapen, een korte bazooka. Eén lange take is voldoende. Een paar keer schokkerig om mij heen draaiend. Tegelijk uitzoomend. Zo geeft de hele arena zich tergend langzaam prijs.’
Daarnaast vertelt Maarten de gebeurtenissen ook op een heel persoonlijke manier: hij beschrijft zijn gedachten en gevoelens uitvoerig, steeds in een heel eigen stijl. Terwijl het verhaal eerder traag op gang komt – de beginscène duurde me net iets te lang -, is het de schrijfstijl van de auteur die boeit. Die stijl karakteriseert zich door een heel doordeweeks taalgebruik en een bepaalde humor. Het is een zwarte, droge humor die pit geeft aan het boek en het personage Maarten goed karakteriseert. Deze karakterisering wordt gedurende het verhaal verder uitgewerkt en vormt veruit het sterkste punt van de roman. Via herinneringen aan zijn relatie met Gaëtan, Maartens vriend die enkele jaren voordien overleed aan een terminale ziekte, leren we Maartens voorgeschiedenis kennen. Het is duidelijk dat hij de dood van zijn partner nog niet heeft verwerkt, want alle voorwerpen, gebeurtenissen of personen die ook maar iets met Gaëtan te maken hebben, geven aanleiding tot flashbacks. Deze terugverwijzingen laten zien hoe gelukkig Maarten met hem was en ook dat draagt bij tot zijn eenzaamheid en verdriet. Maarten beseft immers dat het leven nooit meer hetzelfde zal zijn zonder Gaëtan.
Naar aanleiding van zijn gedachten en gevoelens krijgen we ook een beeld van Maartens visie op de wereld en de rol die hijzelf daarin speelt. In de loop van het verhaal krijgt hij verschillende eigenschappen toebedeeld zodat je aan het einde in staat bent een totaalbeeld van hem te vormen: Maarten is een oude man die verbitterd tegenover het bestaan staat, omdat hij zijn leven anders had willen aanpakken, maar die zijn lot als eenzame man met het nodige cynisme en hier en daar enige zelfspot heeft aanvaard.
‘Ik zou wel kunnen schreien, soms. Maar zo wil ik me niet ook nog eens zien zitten. Het is al gênant genoeg, met al dat schransen, en dat tv kijken, en de rest. Laat het schreien maar over aan wie dáár talent voor heeft. Er zijn er genoeg. Het klagen neem ik wel voor mijn rekening. Klagen zonder janken. Een mens moet zich toeleggen op waar hij goed in is. Klagen en medicijnen slikken. Lijden en aarzelen.’
Ook inhoudelijk weet de roman te overtuigen. Het onderwerp is heel actueel en Lanoye slaagt erin de complexiteit van een schijnhuwelijk op een vrij eenvoudige manier te beschrijven. Het verhaal zelf wordt stap voor stap opgebouwd, waarbij op het einde alle elementen samenkomen tot een misschien niet helemaal onverwacht einde.
De kracht van Het derde huwelijk zit in het sterke, meeslepende verhaal dat in een knappe climax eindigt. Maar het is vooral de schrijfstijl van Lanoye die zich in de kijker werkt door een geslaagde mix van eenvoud, ontroering en humor. Op die manier zet de roman de kwaliteiten van Lanoye extra in de verf.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

(4/5)


