Remco Campert
Dagboek van een poes
(2007)
De Bezige Bij
80 pagina's
€ 10
ISBN 9789023425922
bij Athenaeum Boekhandel
(24-uurslevering)
oordeel
elders op recensieweb
Een confronterend zelfportret van een kunstenaar
recensie van Het satijnen hart
recensie van Het avontuur van Iks en Ei
recensie van Om vijf uur in de middag
recensie van Alle dagen feest
Schaduwjury: De Gouden Uil volgens De Kritiek
opiniestuk
andere recensies
De kat heeft gesproken
door Mia Oosthuizen, 26 december 2007
‘Ik heet Poef. Jawel, u leest het goed. Poef. Een naam als een spraakgebrek.’ Dit is hoe de hoofdpersoon van Remco Camperts jongste boek Dagboek van een poes zichzelf voorstelt aan haar lezers. Een simpele en nuchtere introductie, vooral in vergelijking met sommige van Poefs vrienden, zoals Cleopatra, Lolita, Venus, Beethoven en Napoleon om er maar een paar te noemen. Deze kennismaking zet de toon voor de rest van haar dagboek, waarin ze haar leven als huisdier van de staartlozen – ook wel mensen – Bril en Rok onthult.
Remco Campert schrijft poëzie, kinderboeken, romans, columns en nu verschijnt er een kijkje in het leven van een huiskat van zijn hand. Zoals het Campert siert, neemt Poef zichzelf niet echt serieus wanneer ze haar ervaringen deelt over haar relatie met honden, over buurtschoffie Rode Harry, over de staartlozen, haar eigen functie in het dagelijks leven, gevaren die thuis op de loer liggen en verder alles wat Poef in haar leven tegenkomt.
De ironie en zelfspot in het leven van Poef zit hem in kleine dingen. Zo omschrijft ze zichzelf als intelligent en onafhankelijk, terwijl ze een eindeloze fascinatie heeft voor haar onverklaarbare spiegelbeeld in het raam. Op een zelfde wijze weet ze de humor in het soms onrealistische gedrag van Bril en Rok in de juiste woorden te vatten. Bijvoorbeeld wanneer ze Poefs gedrag als een voorspeller van regen zien of Poefs belangrijke taak als de wekker van Bril overdrijven: ‘Ik ben Brils levende wekker. Als hij mij niet had, zou hij misschien wel altijd blijven liggen. Maar zo zijn we niet getrouwd.’
Door Poefs gedachten wordt duidelijk dat er een constant machtsspel is tussen de poes en haar baasjes. Het is een touwtrekken om afhankelijkheid tussen huisdier en baas op een manier die mensen niet kunnen omschrijven. Doordat je door de ogen van een kat leest, ontstaat hetzelfde effect als wanneer je naar de kunstwerken van Marcel Duchamp kijkt, waar een alledaags object uit zijn natuurlijke omgeving is gehaald en wordt geplaatst in een nieuwe context waaraan een nieuwe betekenis wordt ontleend.
Poef geeft ons een unieke kans om onszelf in het alledaagse leven te zien in relatie tot andere staartlozen en onze huisdieren. De humor in de beschouwingen van de poes vormt de basis voor een ontspannende leeservaring, maar kan je ook aan het denken zetten als je met een glas rode wijn op de bank zit en je harige vriend op schoot kruipt. Onderwerpen die Campert aansnijdt, zijn onder andere de dingen in het leven die we als vanzelfsprekend ervaren, de manier waarop we onze afhankelijkheid van anderen verwaarlozen, onze angsten en logica, wat ons doel in het leven is en waar we naar uitkijken. Al deze vragen vormen de basis van ons bestaan en je kunt het aan Campert en Poef toevertrouwen er een hilarische draai aan te geven, zodat het serieuze aspect je pas op een later ogenblik overvalt.
‘Soms zit Bril achter zijn werkmachine zomaar wat voor zich uit te staren. Je zou zeggen dat hij dan geen werk doet, maar Bril zegt dat je dat anders moet zien: hij doet dan denkwerk. Ik zit ook weleens voor me uit te staren. Ik weet niet of dat bij mij een vorm van werk is. Het heeft meer weg van suffen. Het duurt ook nooit lang. (…) Als suffen werk is, dan ben ik geen harde werker. Als daarentegen slapen werk is, maak ik overuren.’
Behalve de visie van de kat als bindende factor, is er een goede samenhang tussen de hoofdstukken en het literaire vakmanschap is duidelijk zichtbaar, waardoor het eigenzinnige dagboek van Poef tegelijkertijd een typische Campert-roman is in de hem kenmerkende stijl. Al springt het verhaal heen en weer tussen de haat-liefdeverhouding van Poef en Rode Harry en voorvallen met Poefs ‘draagbare huis’ en dagelijkse beslommeringen, het blijft een duidelijk samenhangend geheel van episodes uit het leven van een kat en haar staartloze baasjes, Bril en Rok.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.



