Machiel Bosman
Elisabeth de Flines
(2008)
Athenaeum-Polak & Van Gennep
158 pagina's
€ 17,50
ISBN 9789025363628
bij Athenaeum Boekhandel
(24-uurslevering)
oordeel
andere recensies
De wens van Elisabeth
door Tessa van der Gaag, 9 oktober 2008
(Dit is een recensie in het kader van de AKO Literatuurprijs Schaduwjury)
‘Ik wens en begeer dat de trouweloze handelingen van mijn vader publiek en openbaar gemaakt zullen worden, desnoods na mijn dood.’
Deze woorden zijn in 1715 uitgesproken door Elisabeth de Flines, dochter van een gefortuneerde Amsterdamse koopman. Elisabeth en haar vader zijn dan al jarenlang met elkaar in een heftige strijd verwikkeld, omdat dochter er met de knecht van vader vandoor is gegaan. Bijna driehonderd jaar later vervult historicus Machiel Bosman de vurige wens van Elisabeth door in zijn historische documentaire over de affaire de wandaden van haar vader aan het publiek prijs te geven.
Bosman kwam dit familiedrama op het spoor nadat hem door de Stichting Familie De Flines gevraagd was om een boek te schrijven over dit oude geslacht. Tijdens zijn onderzoek kwam Bosman een artikel tegen over een slepend conflict in het begin van de achttiende eeuw tussen Jacob de Flines en diens dochter Elisabeth. Twee jaar archiefonderzoek in Amsterdam en Den Haag leidde uiteindelijk tot het gedetailleerde boek Elisabeth de Flines, waarin Bosman indrukwekkend orde schept in het gecompliceerde drama.
Hij doet dit aan de hand van overgeleverde rechtbankstukken. Uitspraken in de slepende rechtszaak tussen vader en dochter van de Hoge Raad en verklaringen van getuigen hebben mogelijk gemaakt dat Bosman vrijwel de gehele geschiedenis van de vete op papier heeft kunnen zetten. Uitvoerige beschrijvingen en illustraties in het boek bieden bovendien een levendig kijkje in het Amsterdam van de achttiende eeuw.
Jacob de Flines is geschokt als zijn zeventienjarige dochter Elisabeth er met Eduart, de knecht, vandoor gaat en nog zwanger raakt ook. In de overgeleverde rechtbankstukken wordt het jonge stel beschuldigd van ‘doorgaan’, een term die we tegenwoordig niet meer als zodanig kennen, maar waarvan Bosman uitlegt dat het in de achttiende eeuw betekende ‘weglopen van huis en volharden in je liefde, tegen de zin van je ouders in’.
‘De ouders’ betekent in Elisabeths geval haar vader; haar moeder is overleden. Jacob kan de schande niet verdragen en zint op wraak. Hij laat zijn dochter arresteren. Elisabeth moet van de Hoge Raad terugkeren naar haar ouderlijk huis, om daar ‘na te denken’. Na drie maanden van nadenken lijkt Elisabeth bekeerd: ze stemt in met een door haar vader gearrangeerd huwelijk met Adriaan Penterman, een Friese advocaat. Adriaan wil Elisabeth om haar geld trouwen en heeft een dealtje met haar vader gesloten. Samen verhuizen ze naar Leeuwarden en krijgen, ondanks een ongelukkig huwelijk, acht kinderen. Elisabeth zelf heeft er echter geen idee van dat ze stinkend rijk is. Haar moeder heeft haar het gigantische bedrag van ruim honderdduizend gulden en bovendien een pand aan de Herengracht nagelaten.
In 1713 overlijdt Adriaan, na tien jaar huwelijk. Elisabeth is inmiddels genezen van haar eerdere bekering en beseft dat ze haar vader nooit aan haar kant heeft gehad. Eindelijk kan ze terugkeren naar Eduart, de liefde van haar leven. Even lijkt het erop dat het verhaal een romantisch einde krijgt. Helaas is de oude Jacob nog steeds niet uitgepest en hij houdt wederom het huwelijk tegen.
De historicus Bosman blijft objectief; hij beseft dat met name de getuigenverklaringen partijdig zijn, zo schrijft hij in zijn nawoord. Hij zet letterlijk vraagtekens bij zijn eigen interpretaties, waarmee hij aangeeft niet te beschikken over volledige, ongekleurde informatie, en stuit daarmee op de beperkingen van de non-fictie. In een roman had hij kunnen schrijven over de drijfveren van vader en dochter. Nu kan hij daar alleen maar naar gissen: ‘Voelt Elisabeth zich buitengesloten temidden van dit nieuwe geluk? Is dat de dieperliggende reden van haar vlucht met de knecht- een poging haar vader dwars te zitten?’
Hoewel deze vraagtekens natuurlijk volkomen terecht zijn, neemt dit herhaaldelijk presenteren van hypothesen toch de spanning van het verhaal een beetje weg. Ook de vracht aan historische feiten, hoe interessant ook, doet afbreuk aan de opwinding die Elisabeths zinderende geschiedenis teweeg had kunnen brengen. Door het razende tempo van het boek is het aangenaam om te lezen. Aan de andere kant doet de vaart van de vertelling af aan het drama: tijd om echt stil te staan bij Elisabeths ongeluk krijg je niet.
Hoewel Elisabeths wens in hoge mate is ingewilligd door Bosman en hij de lezer bovendien een levendige kijk op het leven in Elisabeths tijd heeft gegeven, overheerst bij mij toch een lichte teleurstelling: er had meer uit dit achttiende-eeuwse liefdesdrama gehaald kunnen worden.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.



