Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Brusselmans neemt weer weinig bedenktijd

door Joris van der Meer, 7 november 2008

Er zijn van die dagen waar ik me een jaar later niets meer van herinner. Ik heb geleefd, adem gehaald en vermoedelijk zelfs nog wat geconverseerd, maar ik kan me niet meer voor de geest halen wat ik precies gedaan heb. Er zijn best veel van die dagen. Dat is voor mij een onprettige constatering. Liever gebeuren er iedere dag bijzondere, onvergetelijke dingen. Herman Brusselmans zal het met deze constatering waarschijnlijk niet eens zijn. De Vlaamse veelschrijver brengt in zijn nieuwste roman een ode aan het leven waarin er dagen zijn dat er weinig ingrijpends gebeurt.

Een dag in Gent heet het nieuwste boek van Brusselmans. De titel dekt de lading. Het gaat over een dag die de hoofdpersoon, Herman Brusselmans genaamd , meemaakt in zijn woonplaats. Wij kunnen hem deze dag volgen vanaf het moment dat hij zijn ogen opent. Via maaltijden, sigaretten, vreemde ontmoetingen en overpeinzingen van allerlei aard, komen we bij het einde van de dag.

We hebben dan ondertussen met hem zijn hondje weggebracht naar een bejaard echtpaar, we zijn naar de apotheek geweest, we hebben ons in een winkel georiënteerd op een overhemd, zijn naar een repetitie van een theaterstuk geweest en meer van dit soort, niet zozeer schokkende activiteiten. De gebeurtenissen worden gekleurd met conversaties als deze:

‘“Heb je een nieuwe das, Cas?”
“Nee,” zei hij, “het is een oude das, die ik ooit cadeau heb gekregen van m’n moeder, dat arme mens.”
“Is ze plotseling overleden?”
“Nee, ze leeft nog, maar ze heeft een hartinfarct gekregen en kan niet meer tot tien tellen.”
“Tot tien tellen is nergens voor nodig voor oude mensen. Ze kunnen gerust zonder.”
“Ze kan ook niet meer zelfstandig pissen.”
“Dat is andere koek. Urine die ongecontroleerd uit een vagina vloeit, die zorgt dikwijls voor problemen.”’

Op momenten dat hij alleen is komen naar aanleiding van zijn omgeving herinneringen in Brusselmans op. Hij vertelt dan veel over vrouwen (bij wie hij alleen naar de tieten kijkt, want hij is tenslotte getrouwd) en dist dan de gesprekken met hen op. Deze zijn natuurlijk meestal absurd van aard.

Zoals gebruikelijk kan de lezer genieten van Brusselmans’ eigenzinnige proza. Zeker valt er af en toe wat te lachen. Gelijk in de ochtend typeert Brusselmans de relatie met zijn vrouw, die steevast voluit ‘Tania de Metsenaere’ wordt genoemd:

‘Onze liefde is schier eindeloos. Ik zou geen andere vrouw willen, ook niet als die zou zeggen: “Herman, ik ben de enige vrouw in je leven.” Weg met dat wijf. Een schop tegen haar pruim kan ze krijgen.’

Dit is het soort grappen dat zich door het boek heen herhaalt. Het nadeel is echter, zoals bij meerdere boeken van Brusselmans (waaronder bijvoorbeeld Toos, ook op Recensieweb besproken), dat de grappen zich niet in een mooi plot bevinden. De grappen staan helemaal op zichzelf. Het boek kent een complete afwezigheid van een spanningsboog. Het verhaal gaat, behalve naar het einde van de dag, nergens heen. De uitweidingen over de mensen die hij ontmoet of herinneringen die hij heeft, zijn vaak langdradig en soms irritant. De ene absurde conversatie of grap volgt op de andere, maar echt fantasierijk is het niet.

Als Brusselmans over fantasie beschikt, en dat vermoed ik wel, zou hij wel eens de uitdaging mogen aangaan om echt over een verhaallijn na te denken in plaats van eindeloos zinnen aan elkaar te zwammen.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.