Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Van Rhijn is de Kluun van de gescheiden vaders

door Cynthia Spaan, 17 januari 2009

Veel vaders eisen de aandacht voor mannendiscriminatie in voogdijzaken door verkleed als superman het gebouw van de Raad voor de Kinderbescherming te beklimmen. Van Rhijn (1970) zoekt de aandacht door middel van deze (debuut)roman, die eerder een autobiografisch pamflet te noemen is. De auteur ontpopt zich als een ware Kluun-kloon, maar het verschil zit hem in het onderwerp: de strijd van een vader om zijn kind.

In dit boek vertelt Van Rhijn alias Djon Maas zijn ontroerende verhaal dat draait om dochtertje Lila. Voorafgaand aan zijn vaderschap leidt Djon, regisseur bij MTV, een leven vol seks, drugs en rock ’n roll. Hij verliest echter zijn hart aan de Zweedse Mikki, die al snel zwanger van hem raakt. Een grote schok voor beiden, maar als hun dochtertje Lila wordt geboren, kan hun geluk niet op. Het keerpunt is dat Mikki niet kan aarden in Nederland; ze beëindigt de relatie en vertrekt naar Zweden. Vervolgens begint er een slopende strijd om de voogdij. In eerste instantie wordt Lila, die zonder problemen al drie jaar bij haar vader woont, toegewezen aan Djon. Mikki laat het er niet bij zitten en gaat in hoger beroep. De bindende uitspraak is anti-Djon waardoor Lila moet verhuizen naar Zweden.

Het knappe aan dit boek is dat je mening over de hoofdpersoon verandert naarmate je verder leest. Zo zie je in het begin niet meer dan een ongevoelige vrouwenverslinder tegen wie je een bepaalde aversie voelt, terwijl Djon aan het eind een getemde, goede vader is die alles over heeft voor zijn kind.

Een vergelijking met zowel Kluun als zijn alter ego Stijn in Komt een vrouw bij de dokter (2003) dringt zich op. De twee schrijvers spreken in hun boeken dezelfde taal; direct, grof en populair, ook wel getypeerd als MTV-taal: ‘Fuck you Djon, je kunt niet zo met me spelen. […] Waar ben je zo fucking bang voor?’ De hoofdpersonen uit beide boeken houden er ook dezelfde levensstijl op na. Ze bezoeken regelmatig feestjes in modieuze clubs waar ze de ene na de andere vrouw afwerken. Beide mannen bekeren zich uiteindelijk tot ideale vaders. Bij Kluun komt dat pas aan bod in het vervolg op zijn debuutroman, De weduwnaar (2006). Het is dan ook niet uit te sluiten dat Van Rhijn werkt aan een vervolg op Weg van Lila. Van Rhijn treedt ook in andere opzichten in de voetsporen van de commercieel succesvolle Kluun. Hij lijkt zelfs de indeling in delen en bijbehorende titels letterlijk gekopieerd te hebben uit Komt een vrouw bij de dokter.

Op een punt zijn de twee auteurs echter niet te vergelijken en dat zit hem in de strekking van Van Rhijns verhaal: zijn verontwaardiging over de zwakke positie van gescheiden vaders in voogdijzaken. Je zou Van Rhijn daarom de Kluun van de gescheiden vaders kunnen noemen.

Djon komt in de roman duidelijk uit voor zijn mening dat vrouwen bijna altijd een voogdijzaak winnen: ‘Het eerste wat me opvalt als we de zaal binnenlopen is de kinderrechter. Alweer een vrouw, flitst het door me heen. Die kiezen sneller de kant van de moeder.’ Het boek staat vol met dit soort insinuaties. Dat de uitspraak in het voordeel van Mikki uitvalt, doet je als lezer geloven dat dergelijke suggestieve opmerkingen een kern van waarheid bevatten.

De advocaten, rechters en de Raad voor de Kinderbescherming zeggen het belang van kinderen en daarbij vooral de continuďteit in hun bestaan voorrang te geven, maar zelfs na drie jaar alleenstaand vaderschap verliest Djon de rechtszaak. De uitspraak leidt niet alleen tot onbegrip bij Djon, maar ook bij de lezer. In zijn dankwoord ‘bedankt’ de auteur dan ook met sarcastische bitterheid het Nederlands rechtssyteem: ‘Het Nederlandse rechtssysteem – you know who you are out there. Zonder je incompetentie, je mannendiscriminatie en je onmenselijke slakkensnelheid was dit nooit mogelijk geweest.’

De wil om voor zijn kind te vechten vloeit voort uit de jeugd van Djon Maas. Door middel van flashbacks in de vorm van korte dagboekfragmenten laat hij ons zien wat hij vroeger zelf heeft moeten meemaken. Zijn moeder vertrok van het ene op het andere moment met zijn kleine zusje, waardoor hij alleen achterbleef bij zijn vader. Djon kon werkelijk niet bevatten dat zijn moeder hem zo in de steek liet en dat zijn vader het toeliet. Hij belooft zichzelf dat hij nooit zoiets zal doen. Hij wordt liever vermoord dan dat hij zijn kind van zich laat afnemen.

Een geslaagd pamflet is niet altijd grootse literatuur, maar als pamflet is dit boek geslaagd. Van Rhijn weet zijn boodschap zo over te brengen dat de lezer betrokken, zelfs verontwaardigd en ontroerd raakt. De reactie van Djon na het horen van het oordeel heeft mij in elk geval tot tranen geroerd. Ik kies dankzij Van Rhijns retorische talenten onvoorwaardelijk de kant van de vader.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.