Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Een docent met idealen

door Judith Mulder, 5 april 2009

Vol van idealen en wars van de heersende opvattingen. Dat is de fanatieke geschiedenisdocent Maurice Loterman. Lang kan hij zijn eigen visie op de geschiedenis niet verkondigen, want de benauwde Vlaamse onderwijswereld is hier nog niet aan toe. Een mooi uitgangspunt voor een stoer, daadkrachtig, vurig en overtuigd verhaal van een idealist in hart en nieren.

In ruim 200 pagina’s blikt de ex-leraar Maurice Loterman – door zijn leerlingen ook wel Kloterman of Leuterman genoemd – terug op zijn leven vol idealen. Want die had hij, als jonge docent. Vol enthousiasme wil hij zijn leerlingen laten studeren in ‘het boek van de wereld’. Zijn fanatieke betogen over de Franse Revolutie maken daar deel van uit. Vurig verkondigt hij de goedheid en de deugdzaamheid van Robespierre. Gangbaar is deze opvatting echter niet in de bekrompen Oost-Vlaamse onderwijswereld van de jaren zeventig. Hij heult, volgens de directie en de inspecteurs van de school, met de vijand. Omdat hij de geschiedenis te veel vermengt met zijn politieke visie, wordt hem verzocht elders een betrekking te zoeken.

Woedend is hij over het feit dat hij op het matje wordt geroepen omdat hij zwaar over de schreef is gegaan. Omdat hij het onderwijs en de samenleving zou ondermijnen. Gefrustreerd is hij ook, omdat onderworpenheid en onzelfstandigheid kennelijk de waarden zijn die leerlingen bijgebracht moeten worden. Vernieuwing of een afwijkende visie worden niet getolereerd in Oost-Vlaanderen, waar men ‘nog geen piercings had’, maar waar men hooguit ‘droomde van korte rokken’. Teleurgesteld ook, in collega’s en vooral ook in vrienden, want ook hun idealen blijken als het zo uitkomt als sneeuw voor de zon te verdwijnen.

Tot zover de belangrijkste verhaallijn. Maar Loterman, alias Maurice Fraternité, houdt, zoals het een goede docent betaamt, van babbelen. Kort van stof is hij dan zeker ook niet. Maar wat voegt het gezever over zijn kindertijd, o nee kindsheid, toe aan deze roman? En is het belangrijk om te weten dat een leerling opeens naakt in zijn woonkamer staat? Wat doet de taalkundige theorie van Ferdinand de Saussure er opeens tussendoor? En dan heb ik het nog niet eens over de allergrootste uitweidingen, over zijn held Robespierre. Tot in detail vertelt Loterman over het reilen en zeilen van deze als tiran bekend staande man, zijn rol in de Franse Revolutie, het hoe en waarom van de onterechte verguizing. Wil Note ons vertellen dat Robespierre het bij het rechte eind had? Poeh, dat gebeurt dan wel met veel omhaal. Dit etaleren van kennis draagt niet bij aan een sterke karakterontwikkeling. Eerder is het zo dat het boek verzandt in langdradigheid zonder eind. Wat mij betreft had deze Loterman, wars van clichés, toch iets meer naar de mooie dooddoener ‘spreken is zilver, zwijgen is goud’ mogen luisteren.

Los van alle irrelevante en van de verhaallijn afleidende overpeinzingen en analyses van deze ‘man met moraal’, is het belerende toontje waarop hij de lezer aanspreekt, ronduit vervelend. Zo vraagt hij de lezer regelmatig of hij iets uit moet leggen, zegt dat hij nu snel ter zake zal komen, dat de lezer niet op zijn stoel moet schuifelen, dat hij niet zal schrappen in zijn tekst maar het de lezer vanzelfsprekend vrij staat delen te verwijderen. Wil hij mij uitdagen? Bij het verhaal vertrekken? Mislukt! Het leidt af en staat een vlot verhaal in de weg.

Het stoere, fanatieke, heldhaftige en bevlogen karakter dat ik had gehoopt aan te treffen in Tegen het einde, is helaas niets meer dan een zeurderig en zielig verhaal van een betweter, een klagerig mannetje geworden.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.