Joris van Casteren
Lelystad
(2008)
Prometheus
334 pagina's
€ 17,95
ISBN 9789044612172
bij Athenaeum Boekhandel
(24-uurslevering)
oordeel
elders op recensieweb
Verslag van een totale ontsporing
recensie van Het zusje van de bruid
Schaduw Toplijst AKO Literatuurprijs 2009
opiniestuk
Schaduwjuryrapport AKO-Literatuurprijs 2009: Weijts Wint
opiniestuk
andere recensies
Een mooi verhaal over een lelijke stad
door Lukasz Koterba, 7 oktober 2009
Dit is een recensie in het kader van de AKO Literatuurprijs Schaduwjury
Lelystad van Joris van Casteren levert een overtuigend beeld van de hoofdstad van de jongste Nederlandse provincie, Flevoland. Van Casteren, die niet alleen schrijver is, maar ook journalist en auteur van reportages, weet verschillende literaire en journalistieke genres op de beste manier te gebruiken en toont dat hier met een verbluffend resultaat.
Van Van Casteren (1976) verschenen eerder de dichtbundel Grote atomen (2001) en journalistieke reportages als De man die 2 ½ jaar dood lag (2003) en Requiem voor een pitbull (2007). Dit nieuwe boek is een persoonlijke geschiedenis van Lelystad. Persoonlijk, omdat de sociale, politieke en culturele historie van Lelystad wordt doorsneden met doorleefde autobiografische fragmenten.
De eerste helft van Lelystad gaat over het droogleggen van de Flevopolder, de totstandkoming van Lelystad en het leven van de eerste bewoners – zoals de ouders van de auteur. Van Casteren beschrijft zijn moeilijke jeugd in de nieuwe, kunstmatige stad. In de tweede helt vertelt Van Casteren over het Lelystad van nu. Na vijftien jaar keert hij terug naar zijn ‘jeugdstad’ om die te vergelijken met de stad uit zijn herinneringen.
Lelystad is een geslaagde combinatie van reportage, geschiedschrijving en memoire-literatuur In zijn verhaal over het ‘mislukte project Lelystad’ geeft Van Casteren een gedetailleerd beeld van de geschiedenis van deze lelijke, gevaarlijke en ongelukkige stad. Tegelijkertijd beschrijft hij met evident literair talent, in een koude, strenge stijl en zonder zelfmedelijden, zijn eigen jeugd in het Nederland van de jaren ’80 en ’90. De moeizame relatie met zijn ouders (vader idealistisch, moeder lesbisch geworden) en zijn problematische tienerjaren komen in deze ‘probleemstad’ nog pijnlijker naar voren dan in andere Nederlandse steden het geval zou zijn geweest. .
Van Casteren beschikt over de gave om humor en sociale kritiek te mengen tot een smakelijke mix:
‘De afdeling onderwijs functioneerde niet goed. Er werkten mensen die nauwelijks iets doen. Een man, een vriendelijke zonderling, was de hele dag bezig met het opstellen van een lijstje van dingen die hij die dag moest doen. De dag was voorbij als het lijstje klaar was.’
Maar vaak gebruikt hij ook een ander soort humor – zwarte, bittere ironie. Bijvoorbeeld als hij de vriendinnen van zijn moeder beschrijft.
‘Na Gemma kwam er een vrouw over de vloer die Truus heette, ze zat in het damesbasketbalteam. Na Truus volgde Hermien. Nog minder dan de andere vrouwen van het vrouwentrefcentrum was Hermien van een man te onderscheiden.’
Lelystad is een onbehouwen wildernis, bevolkt door de meest rare en ongelukkige mensen: belijders van de New Age-gedachte, lesbische vrouwen die een relatie met een man hebben, alcoholisten, drugsdealers, schizofrene personen, criminelen, gebruikers van anabole steroïden, gefrustreerde werklozen, skinheads, zigeuners en punks – om maar wat te noemen. In Lelystad is het moeilijk om gewoon en normaal te blijven. ‘Van deze stad kon Frederik van Eeden niet gedroomd hebben.’ Het is een stad waar de kloof tussen utopie en de verschrikkelijke realiteit bijzonder goed zichtbaar is.
Hoe is het mogelijk dat de probleemjongere die Van Casteren destijds was niet op het verkeerde pad is geraakt? Veel van zijn vroegere vrienden zijn blijven hangen in hun troosteloze bestaan of zelfs in de zware criminaliteit beland. Iets moet hem de power hebben gegeven zich los te scheuren. ‘Die avond voor de televisie veranderde mijn wereld op slag. Na drie Amerikaanse series viel ik op een publieke zender in een documentaire over Vijftigers (...) De poëzie activeerde een gebied in mijn hersens dat nooit eerder geactiveerd was.’ Met deze verwijzing naar de grensverleggende, experimentele taal van dichters als Lucebert en Remco Campert die een puberende probleemjongere perspectief bood, is Lelystad ook een verhaal geworden over de kracht van literatuur en de macht van de verbeelding.
Van Casteren typeert Lelystad als een ‘serum tegen verbeelding’, maar de verbeeldingskracht van deze auteur is zo sterk dat hij zijn kale jeugd in een naargeestig oord glansrijk heeft verwerkt in een tot ieders verbeelding sprekend portret van ‘zijn Lelystad’.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

(4/5)


