Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Prille relaties en een ongeorganiseerde berg kennis

door Marieke Aantjes, 9 november 2009

Dit is een recensie in het kader van de AKO Literatuurprijs Schaduwjury

In Alles nieuw beschrijft Joke van Leeuwen (1952) de levens van twee vrouwen: de tweeëntachtigjarige Ada en de jonge kunstenares Lara. Lara huurt de bovenkamer in Ada’s huis,waar ze in een oud bureau dat nog in haar kamer staat, een foto vindt van een jong meisje. Bij wijze van spel en experiment probeert ze de foto van het meisje – dat de dochter van Ada blijkt te zijn- te manipuleren zodat ze er 30 jaar ouder uit ziet. Ada ziet de foto, wat een einde maakt aan het spel en de oude vrouw terugvoert in haar herinnering naar de dag dat haar dochter vertrok om in een sekte te gaan leven.

Het verhaal is in een alinea beschreven, maar De Leeuw weet haar boek op te sieren met de ‘ongeorganiseerde berg kennis’ in het hoofd van mensen, het hoofd van de oude vrouw op zoek naar haar herinneringen, of dat van de chaotische jonge kunstenares. De manier waarop Lara’s brein werkt is zeer herkenbaar en daarom zo boeiend. Ze springt van de hak op de tak, elke gebeurtenis roept nieuwe discussiepunten op, waardoor je inzicht krijgt in haar manier van denken. Ze diept haar gedachten meestal uit door een creatieve uitspatting in de vorm van tekeningen of fotografische bewerkingen, waar het boek ook mee aangekleed is. Als veelbekroond kinderboekenschrijfster en illustrator is het niet verwonderlijk dat Joke van Leeuwen alle illustraties zelf heeft uitgevoerd, illustraties die niet alleen een leuke toevoeging zijn aan het verhaal, maar een wezenlijk deel uit maken van de tekst. Behalve de vele voorbeelden van de fotobewerkingen die Lara heeft gemaakt, geeft het boek ook uitgescheurde krantenberichten weer, steeds weer herschreven brieven van Ada en de op een typemachine getypte brieven van haar dochter Alma. Daarnaast heeft Van Leeuwen een bijzondere manier om een gesprek zonder einde weer te geven: acht zinnen, die voortdurend achter elkaar gelezen kunnen worden, staan in een rondje geschreven. Dit soort gesprekken zijn typerend voor Lara en een oude schoolvriend, die opgenomen is op een psychiatrische afdeling.

De plot van het boek is samengesteld uit diverse onderdelen: een misverstand tussen huisgenoten, een sterfgeval, gesprekken met een psychiatrische patiënt, de moeizame relatie tussen twee jonge mensen, een prille relatie tussen twee bejaarde vrienden. Vooral de prille relatie tussen de bejaarden Ada en Rein (die elkaar van de ouderenopvang ‘Geef Ons Heden’ kennen) wordt kwetsbaar neergezet.

‘Aan tafel nam hij haar handen vast en liet zijn duimen met scheve nagels over haar handpalmen gaan. “Kom even op de bank zitten.” Ze zweeg. Haar vingers schreven twee o’s in het meegevende vel van haar slapen. Ze kwam naast hem zitten op de bank en nestelde haar hoofd op zijn schouder. De plant stond hevig te bloeien. Nu zo blijven zitten, dacht Rein. (…) Ze boog haar gezicht naar hem toe en keek naar zijn wenkbrauwharen die niet wisten welke kant ze het beste op konden groeien, streek de haartjes glad, maar ze sprongen terug.’

Ondanks de hoeveelheid ingrijpende en mooi beschreven gebeurtenissen, leer je de personages niet écht goed kennen. Van Leeuwen geeft haar karakters zo weinig emotie mee, dat ze je ook maar weinig beroeren. Heel kort worden we meegenomen in het (dagelijks) leven van de twee vrouwen, die ondanks hun gedeelde huis langs elkaar heen leven en elkaar zelden spreken. De manier waarop dit langs elkaar heen leven beschreven is, is wel heel alledaags en daardoor herkenbaar. Het boek gaat over gewone mensen, met gewone hersenspinsels en gewone levens. En dat ‘gewone’ wordt treffend verbeeld.

‘Op een vrijdagmorgen, toen de winterkou onder zijn herfstjas wilde kruipen, was Rein in een tram gestapt en had iemand hem zijn zitplaats aangeboden. Hij had nog gebaard dat het niet hoefde. Om hem heen zaten en stonden de pasgewassen mensen die op tijd op hun werk moesten zijn, met hun tassen en koffertjes. Ze keken allemaal feilloos langs elkaar heen, hun gezichten in de ruststand, of staarden naar buiten, naar wie leken te weten waarheen ze liepen. Het was te vroeg en te doordeweeks voor flaneren.’

Aan het einde van het boek had ik het idee dat het ‘mooiste nog moet komen’, wat ironisch genoeg ook de laatste zin in het boek is. Er staat nog zo veel te gebeuren in de levens van de twee vrouwen: Ada heeft net een relatie en is op zoek naar haar verloren dochter; Lara komt aan het slot van het verhaal achter een schokkende gebeurtenis en ook zij staat aan het begin van wat een mooie roman zou kunnen opleveren. Alles nieuw is pakkend, is intrigerend, maar de boodschap dat het mooiste nog komen moet kan de vertelling van het mooie zelf niet vervangen, waardoor deze stelling in het water valt. Het boek laat me met een nogal onbevredigd gevoel achter en met het vermoeden dat Van Leeuwen er veel meer uit had kunnen halen.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.