Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Verslaafd aan de overgave

door Julia Homoet, 15 december 2009

Gusta Ferreyn van Vlissingen lijkt zo uit een aflevering van Sex and the City te zijn gestapt; deze forty-something uit de Grote Stad, met een verzorgd, vrouwelijk uiterlijk en een goed onderhouden lichaam heeft een succesvolle kookrubriek bij een krant, een lieve en trouwe echtgenoot, leuk puberend kroost, een homo-beste-vriend, een uitgebreid sociaal leven en, niet onbelangrijk, veel onstuimige, ‘kinky’ seks.

In Genade, het debuut van Tina Weemoed, stappen we Gusta’s leven in op het moment dat zij samen met haar man Herben een etentje verzorgt voor zijn vroegere dispuutgenoten. Onverwachts staat Herbens veel jongere halfbroer, Koert, voor de deur. Wanneer de jeugdige, stoere man tijdens het diner de taak op zich neemt het vlees te snijden, maakt deze handeling een diepgeworteld verlangen in Gusta los:

Zachtjes liet hij het lemmet in het spierweefsel zakken en soepel, met een volmaakt beheerste beweging, liet hij het van voren naar achteren glijden. […] Terwijl de plakken met een smakkend geluid neerkwamen op de snijplank, voelde Gusta iets opgloeien tussen haar benen.

Dit opgloeiende ‘iets’ brengt Gusta in gedachten terug naar haar jeugd, waar zij haar eerste seksuele ervaringen beleefde met haar oom Georges, en naar haar middelbare schooltijd, waar ze zich in het seksspel perfectioneerde door veelvuldig te oefenen met haar docent, meneer Tibbe. In deze herinneringen staat de overgave van Gusta aan haar oom en docent, centraal. Zij is het jonge kind en de gehoorzame puber, die door een autoritair figuur alles met zich laat doen.

Gusta’s seksverslaving, die zij gedurende haar huwelijk heeft proberen te onderdrukken, bloeit met de komst van Koert weer ten volle op. Gusta heeft geen controle over haar verslaving. Ze masturbeert in taxi’s en heeft in haar eigen huis seks met Koert terwijl haar kinderen een verdieping lager computerspelletjes spelen. Het kost haar grote moeite zich op haar werk of gezin te concentreren. De verslaving slokt haar volledig op.

Seks in literatuur is vaak een beetje ‘tricky business’. Wanneer al op de eerste twee pagina’s van Genade alternatieve geslachtsdeelaanduidingen als ‘moeder Maria’ en ‘gezwollen geval’ te vinden zijn, roept dit associaties met luchtige erotica-lectuur op. De vraag is of Tina Weemoed, als vrouw, toch op een nieuwe manier Gusta’s seksuele uitspattingen kan beschrijven.

Dat blijkt niet het geval. De seksscènes in het boek verschillen nauwelijks van die uit een gemiddelde pornofilm. Ze wordt uitgemaakt voor ‘hoer’ en ‘slet’, wordt aan haar haren getrokken en volgt bevelen op. Ook hier lijkt, met name in de talrijke fellatio-scènes, niet haar plezier, maar het genot van de man centraal te staan.

Weemoed biedt geen originele kijk op seks, maar wel op Gusta’s ‘perfect home’. Haar leven en gezin beantwoorden aan alle idealen van een hippe moeder, maar Gusta lijkt zich niet langer thuis te voelen in een milieu waarin wijn, goed eten, carrière en het etaleren van kennis, centraal staan. Weemoed laat in de dialogen op amusante wijze zien hoe Gusta haar omgeving met enige spot aanschouwt: ‘“Dat is zout dat een collega van mij uit Londen voor me heeft meegenomen,” zei Herben. “Maldon zout. Zit net een fijn knispertje in”’. Het is verfrissend te lezen dat Gusta haar volmaakte leven zelf niet al te serieus neemt.

Desondanks ontsnapt Gusta niet aan een enkel cliché dat we in typische vrouwenboeken en –series zo vaak terugzien: als een ware desperate housewife zoekt ze een manier om haar dagelijkse sleur en routine te ontvluchten en doet ze dit door zich (geheel in de stijl van de televisieserie) te storten in haar affaire.

Dat Weemoed het chicklit-genre toch weet te ontstijgen is te danken aan haar bekwame stijl, die veelal zeer geestig is:

‘“Heb je je handen zeker wel aan vol.”’
“Nou ja,’ zei Gusta. ‘Het zijn geen kleine kinderen meer, he.”
Ze was onmiddellijk tot op het bot geïrriteerd. Allereerst haatte ze vrouwen die het algemene gesprek doorbraken omdat ze het over huiselijke wissewasjes wilden hebben met een seksegenote. Ten tweede haatte ze Jasmien Rijpema vanwege haar eeuwige geïnsinueer.
“Ja, daarom juist,” zei die prompt.
“Heb jij je oogleden trouwens laten doen of zo?” vroeg Gusta.

Exemplarisch zijn ook de grappige titels van de hoofdstukken, die lijken op de titels van ongewenste e-mails: ‘Lees dit of je bent homo’, ‘Speciale aanbieding: het geheim van gelukkig paren’ of ‘Hoe het monster in je broek te temmen’. Daarnaast is Weemoed in staat in enkele zinnen een nauwgezet beeld of gevoel op te roepen:

De dimensie dat je eindeloos met elkaar opfietst langs winderige provinciale wegen naar elkaars wederzijdse ouderlijke huizen, alwaar je je laat inspinnen in een cocon van huiselijkheid, verveling, vertrouwenwekkendheid, soliditeit.

Weemoed weet mij op deze momenten uitstekend met haar woorden te bespelen. In haar beschrijvingen van de seksualiteit is zij hier minder goed toe in staat. In deze passages beroept ze zich op clichématige, viriele scenario’s, die mij aanspreken noch overtuigen. Genade is dan ook niet dankzij, maar eerder ondanks de vele pikante scènes, een geslaagd debuut. Het is Weemoeds scherpe, ironische blik op het grachtengordelgezin die Genade zo goed doet smaken

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.