Eva Posthuma de Boer
Lichthart
(2009)
Nieuw Amsterdam
256 pagina's
€ 17,50
ISBN 9789046806784
bij Athenaeum Boekhandel
(24-uurslevering)
oordeel
andere recensies
Van Parijs tot Zuid-Afrika, naar de kern van het leven
door Lies Journée, 28 februari 2010
Hoe moet het uit zijn voegen groeiende Aidsprobleem in Afrika worden opgelost? Wat te doen met het immense armoedeprobleem in Derdewereldlanden? En ieder kind, waar ook ter wereld, heeft toch recht op onderwijs? Welke hulp kan het rijke Westen bieden, waar de verwarming op volle toeren kan draaien en een wc in je huis de normaalste zaak van de wereld is? Dat daar geen klinkklaar antwoord op bestaat, laat de schrijfster Eva Posthuma de Boer zien in haar derde roman, Lichthart.
Lichthart is het verhaal van twee mensen die elkaar niet kennen, maar door een bloedband met elkaar verbonden zijn. Naut Levefbre is een zestiger die furore heeft gemaakt als muziekjournalist in Parijs, het kolkende centrum van de jazz. Op zijn zeventiende gevlucht uit een gezapig boerengat in de Noord-Hollandse polder, vindt hij zijn thuishaven in de Franse hoofdstad, waar hij zich onzichtbaar waant in de levendige en dichtbevolkte mensenmassa. Tussen deze mensen ontmoet hij Margot, eenzaam door een gebroken liefde, die haar liefdesverdriet gewillig laat stillen door deze vreemdeling. De affaire is van korte duur, maar er komt wel een dochter uit voort, Liv Lichthart, die van haar moeder nooit iets over Levefbre te horen krijgt.
Wanneer Naut na veertig jaar terugkeert naar Nederland, is het verlangen naar zijn onbekende dochter zo groot, dat hij besluit haar een brief te schrijven. Liv Lichthart, inmiddels manager van een succesvolle Nederlandse band, leidt een snel en druk bestaan. Als ze de bewuste brief opent die al weken in haar jaszak zit, bevindt ze zich met haar prille liefde in Zuid-Afrika. De emotionele achtbaan waar zij ongewild instapt, doet haar besluiten haar vriend achter te laten en met haar chauffeur de wildernis van Zuid-Afrika in te rijden.
In de Afrikaanse middle of nowhere krijgt Liv afleiding van de verwarring, twijfel en boosheid die haar overspoelen. Ze logeert in een lodge die wordt gerund door een aantal Nederlanders. Liv wordt geraakt door de ziekte en armoede om haar heen, en moet de neiging onderdrukken om haar beurs te trekken voor iedere bedelaar die ze tegenkomt. Want zo werkt het niet, leert ze van haar ‘inheemse’ landgenoten:
‘…we zijn hier om te bouwen, niet om te rouwen. Het klinkt afschuwelijk, maar hij heeft gelijk, Liv. Er is teveel verdriet, hier. Als we dat op onze schouders nemen, raken we verlamd en kunnen we niets meer betekenen, voor niemand. Hoe moeilijk ook, we moeten door, vooruitzien. Morgen schijnt de zon weer, dat is de zekerheid die we hebben.’
Haar verblijf in Afrika helpt Liv om haar eigen problemen in perspectief te zien. De roman representeert de opvatting dat vergeleken met de schijnbare onoplosbaarheid van ziekte, dood en armoede waar men in Afrika mee kampt, de eigen, Westerse problemen gemakkelijk te relativeren zijn. ‘In Afrika leer je de werkelijke waarden van het leven kennen’: een stelling waarmee de schrijfster ons niets nieuws vertelt, het is zelfs een beetje cliché, maar ze weet de opvatting wél vorm te geven door een rauw en confronterend beeld van de werkelijkheid neer te zetten. Het roept een gevoel van machteloosheid op waar je als lezer met Liv in mee voelt.
Posthuma de Boer hanteert een heldere en directe stijl. Haar taalgebruik is onopgesmukt en bestaat uit korte zinnen die uit hun doelgerichtheid hun kracht halen. Dat verklaart ook De Boers vermogen om diepgaande emoties helder te formuleren, wat betekent dat de lezer zich eenvoudig in Livs situatie kan inleven.
‘Ik stap in het hete water. Nog voor ik me heb uitgestrekt, schiet ik alweer omhoog.
Ik wil dit niet.
Ik klem mijn armen om mijn benen, probeer mijn schokkende lichaam te bedaren.
Ik wil niet dat het waar is.
Ik trek de stop uit het bad. Dit was een heel slecht plan, ik moet in beweging blijven. Ik sla een handdoek om me heen, wrijf de damp van de spiegel en trek een zwarte lijn op mijn gezwollen oogleden. Machteloos kijk ik toe hoe mijn ogen zich weer vullen met tranen.’
De schrijfster heeft de psychologie van Liv Lichthart goed uitgewerkt, waardoor het proces van acceptatie dat de jonge vrouw doorloopt haast onmerkbaar de rode draad van het verhaal vormt. Direct en onomwonden worden wij deelgenoot gemaakt van de diepe emotionele dalen waar Liv doorheen gaat, om uiteindelijk te kunnen aanvaarden en verwerken. Afrika dient daartoe als een uitstekend decor.
Ook het spel dat de schrijfster speelt met de tijd, leidt ertoe dat je als lezer nauwer met de belevingswereld van Liv verbonden bent. De afstand tussen Liv en Naut openbaart zich al in de structuur van de roman. Hoewel zij beide in het ‘nu’ leven, is de onderlinge afstand vergroot door het feit dat Naut wordt aangeduid als hij-figuur in de verleden tijd, terwijl Liv spreekt vanuit een eerste persoon in de tegenwoordige tijd. Naut is degene over wie verteld wordt, Liv is degene die direct ervaart. Het zijn verteltechnieken waarmee Eva Posthuma de Boer laat zien dat zij een lezerservaring sturing kan geven.
Posthuma De Boer neemt je mee naar het verre continent met zijn compleet andere levensstandaard, en verwerkt de Afrikaanse omgeving op een manier die de inhoudelijke betekenisgeving van de roman verrijkt en versterkt. Ze weet hoe ze structuur en stijl kan inzetten om emoties voelbaar te maken: Eva Posthuma de Boer bewijst met Lichthart dat zij de kunst van het vertellen verstaat.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.



