Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

Requiem voor een dierbare oom

door Wouter Bok, 19 maart 2010

Het werk van Joost Zwagerman bruist van het volle leven en het stadsrumoer. Het literaire engagement waar het afgelopen jaar zo’n discussie over was is hem bepaald niet vreemd. Ook in zijn laatst verschenen roman Zes sterren grijpt hij een maatschappelijk onderwerp aan: zelfmoord. Dat leent zich goed voor prozacproza, maar niet in de handen van Zwagerman, die er een aangrijpend en tot nadenken stemmend boek van maakte.

Zes sterren wordt verteld door de twintiger Justus Merkelbach. Hij groeit op in Alkmaar bij een moeder met smetvrees en een principiële onderwijzer als vader. Justus vindt het gezelliger met zijn oom Siem, een flierefluiter met allerlei kortstondige en weinig succesvolle baantjes. Als kind gaat Justus vaak uit logeren bij Siem en zijn vrouw Tilly. Na allerlei baantjes gaat Siem de journalistiek in en richt hij een tijdschrift over hotels op: Goedemorgen. Justus wordt redacteur van het blad, tot afgrijzen van zijn ouders die er geen heil in zien. Voor Goedemorgen reizen Justus en zijn oom heel Nederland af om hotels te recenseren. Meestal in de provincie, want Siem heeft een grote voorliefde voor het kneuterige provincialisme – om die reden is Madame Bovary ook zijn lievelingsboek. Hij noemt dat gevoel ook wel de C-wegblues, naar de afgelegen landweggetjes:

‘De obscure hotels en pensions vormden de herkenningspunten van zijn hoogstpersoonlijke landkaart, een plattegrond waarop het dorpse, folkloristische, steile Nederland was opgedeeld in talloze door Siem Merkelbach betreden en beoordeelde kavels. Ontdekkingsreiziger binnen de landsgrenzen, pionier van het nabije. […] De wereld mocht volgens iedereen almaar kleiner worden, voor oom Siem werd Nederland er, naarmate hij er meer van had gezien, alleen maar groter op.’

De hotels worden beoordeeld met sterren, maar Siem blijkt een creatieve sjoemelaar. Zijn praktijken doen denken aan Lijmen/Het been van Elsschot, compleet met spookredacteuren en oplichting. Goedemorgen draait om advertenties binnenhalen; de recensies zijn geen doel maar middel. Het achterliggende principe daarbij is ‘voor wat hoort wat’: adverteren in het blad betekent een goede recensie.

‘Goedemorgen geeft nooit één ster. Als we dat wel zouden doen, denkt zo’n hotelbaas dat het op voorhand een verloren zaak is. Vijf sterren geven we alleen als het hotel in kwestie bereid is om full spread te adverteren. Zo’n royale geste belonen wij met het maximum aan sterren.’

Niet alleen op zijn werk, maar ook privé is Siem een leugenaar. Omdat Tilly – zijn ‘zessterrenvrouw’ – geen kinderen kan krijgen en daarom niet meer met hem wil vrijen zoekt hij het buiten de deur, in treurige bordelen langs de snelweg en bij dames uit de provincie. Als een van zijn scharrels zijn vriendin wordt en bovendien wél vruchtbaar blijkt, scheidt Tilly van haar man. Niet veel later pleegt Siem zelfmoord.

Justus reconstrueert in de roman deze gebeurtenissen, waarbij hij geleidelijk steeds meer puzzelstukjes – die voortkomen uit zijn therapiesessies – op hun plek legt. Justus probeert in zijn verhaal, ‘een kroniek van een (on)aangekondigde dood’ zoals hij het met een knipoog naar Gabriel Garcia Marquez noemt, niet alleen de daad van Siem een plek te geven. Evenzeer wil hij Siem een plek geven in zijn bestaan; wie was Siem nu eigenlijk en wat is Justus’ verhouding tot hem? Maar ook: wat is Justus eigenlijk zónder hem? De vele verwijzingen naar Madame Bovary versterken het beeld van Siem daarbij; ook Emma pleegt immers zelfmoord nadat haar verraad uitkomt, terwijl zij juist doodongelukkig is in de provincie.

Met kennis van zaken en inlevingsvermogen belicht Zwagerman allerlei gevoelens waarmee nabestaanden van een zelfmoordenaar te maken kunnen krijgen. In het verwerkingsproces van Siems zelfmoord spelen natuurlijk ook gevoelens van schuld en machteloosheid en ideeën van ‘wat als…’ en ‘stel dat…’ bij hem op:

‘Ik heb ze opgegeven, die vragen. Als je steeds maar die als…dan…-vragen construeert, dan.’

Ook het (on)begrip voor de daad en de onderlinge wrijvingen tussen de achtergeblevenen komen goed naar voren. Hartverscheurend is een passage in het bejaardentehuis waarin de oma van Justus zegt dat ze het liefst het Noordhollands Kanaal in zou rijden om bij haar zoon te zijn. Ook Justus’ vader heeft het moeilijk met de zelfmoord van de broer met wie hij toch al niet zo goed kon opschieten; hij noemt Siem een egoïst en van compassie en medeleven van therapeuten hoeft hij helemaal niets te weten. Ook het algemene taboe op zelfmoord vermijdt Zwagerman niet:

‘Voor de nabestaanden van iemand die is overleden door ziekte of een ongeval bestaat een algemeen geaccepteerde etiquette van rouw en compassie. Een zelfmoord haalt die etiquette overhoop. Dood door zelfmoord is niet te verdoezelen met geparfumeerde nagedachtenis. Iemand die het op een akkoordje met de dood heeft gegooid slaat de achterblijvers het zelfsussende ach en wee uit handen. En dus hebben ze het er liever niet over. […] Diezelfde mensen die het zo goed met hem hadden kunnen vinden, bleken zijn dood te beschouwen als een vorm van overlast.’

Een geparfumeerde nagedachtenis is Zes sterren ook niet. De roman heeft behoorlijk rauwe kanten en Siem komt er ook zeker niet altijd goed vanaf bij de achterblijvers, maar desondanks wil Justus van zijn verhaal uiteindelijk een requiem voor een dierbare oom maken. Dat dit requiem op mij goed overkomt en dat het geheel ondanks al die wrijvingen en strubbelingen een leesbaar verhaal is geworden met humoristische trekjes – het heeft ook wel wat van een satire op de (hotel)journalistiek – is te danken aan het meesterschap van Zwagerman. Het wordt nergens pathetisch of overdreven, hoewel de emoties hoog oplopen. Zwagerman weet zijn personages trefzeker neer te zetten, zelfs de wat mysterieuze Siem over wie je steeds meer te weten komt, wat een zekere spanning en suspense aan het verhaal geeft.

Het leek er even op dat Zwagerman met een verhaal over zelfmoord ook als romancier zelfmoord pleegde; hij schreef sinds 2002 immers geen romans, naar verluidt wegens een writers block. Gelukkig is hij met het Boekenweekgeschenk weer terug bij de fictie, want zoals Zes sterren laat zien, beheerst deze veelzijdige auteur dit genre. Zes sterren kan ik niet geven, maar Zwagermans laatste roman is beslist geslaagd.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.