Daniël Rovers
Elf
(2010)
Wereldbibliotheek
159 pagina's
€ 17,90
ISBN 9789028423312
Steun Recensieweb en koop dit boek bij Athenaeum (24-uurslevering)
oordeel
elders op recensieweb
De prachtige details van een ontbrekende vriendschap
recensie van Elf
De lotgevallen van Walter Cosijn, priester in wording
recensie van Walter
Daniël Rovers: 'Wanneer ik het niet vastleg, bestaat het niet meer'
interview
Ontdekkingen 2010: oude bekenden en jonge talenten
opiniestuk
andere recensies
Geen grote roman, wel een verfijnde
door Tom Boeije, 20 oktober 2010
Dit is een recensie in het kader van de AKO Literatuurprijs Schaduwjury.
Daniël Rovers (1975) bracht eerder een bundel essays Bunzing (2005) en zijn proefschrift De figuur in het tapijt uit en speelde toen al met het idee een roman te schrijven. Dat is Elf geworden. Een naamloze verteller, die zich later bekendmaakt als vriend van alle personages, bundelt elf levensverhalen die samen met het twaalfde, titelloze hoofdstuk een roman vormen. Deze korte biografieën, waarin telkens een twintiger of jonge dertiger woonachtig in Brussel centraal staat, kunnen afzonderlijk gelezen worden. Een dergelijke lezing zou echter afbreuk aan Elf doen. De verhalen zijn namelijk onderling verweven doordat ieder personage een ander in zijn kennissenkring heeft. Bovendien weerspiegelt elk personage een type in de huidige maatschappij, en daarmee geeft Elf een mooi beeld van de verscheidenheid aan figuren die Brussel rijk is.
In de qua omvang bescheiden biografietjes komt af en toe geweld voor (de bij Dienst Cultuur werkzame Leen wordt bijvoorbeeld op een camping verkracht door een dronken Rus en de verteller wordt overvallen), maar de personages zelf zijn relatief onschuldig. Hun onhebbelijkheden worden met de mantel der vriendschap bedekt; de verteller onthoudt zich van oordelen. Door deze neutrale doch tedere verteltrant wekt ook een heimelijke gluurder als Olivier sympathie op. In juli en augustus 2007 houdt hij zich in de IKEA in Anderlecht bezig met het stiekem fotograferen van winkelende stelletjes. Toch maakt hij geen verwerpelijke indruk, met name doordat de verteller de nadruk legt op zijn isolement:
“Het warenhuis verschafte hem een zekere dosis huiselijkheid. In de meubelhal kon hij zich ongemerkt onder de mensen begeven en er deel uitmaken van een gemeenschap, hoe vluchtig ook.”
Een geheel andere vorm van geïsoleerdheid ervaart Mehrdad. Deze uit Iran afkomstige jonge man heeft nog geen vaste verblijfsvergunning, waardoor hij zijn onbevredigende leven geen andere wending kan geven. Zijn contacten bij de gemeente vertellen hem dat hij geduld moet hebben. Mehrdad zit gevangen in de bureaucratische situatie van een asielzoeker zonder vaste verblijfsvergunning en voelt bovendien een afstand tot de oorspronkelijke Belgen, die hij indeelt in families (een soort categorieën) waar je als buitenlander onmogelijk bij kunt horen. In de relaties die hij aangaat voelt hij zich niet begrepen en hij mist zijn familie in Iran. Mehrdad is een minder merkwaardig personage dan Olivier, waardoor hij dichter bij de lezer staat. Tevens kaart Elf via Mehrad een actueel thema aan, namelijk de integratieproblemen die allochtonen ondervinden.
Daniël Rovers heeft niet alleen tastbare rare kwibussen in het leven geroepen, maar werpt via deze individuen tegelijkertijd een licht op de problematiek van enkele minderheidsgroeperingen. Behalve via Mehrdad gebeurt dat bijvoorbeeld via de homofiele Mauro, die ook nog communist is (en zich desondanks laat verleiden tot het aanschaffen van Italiaanse laarzen van 225 euro). De voorzichtigheid en gedetailleerdheid waarmee hun belevingswereld wordt beschreven, maakt hun problemen inzichtelijk.
Deze vorm van engagement levert geen zware of zwarte verhalen op. Door de milde spot blijft de roman aangenaam om te lezen. Daarbij spaart Rovers zijn eigen afkomst niet. Bij monde van de uit Florida overgewaaide Loza:
“Belgen waren de slechtste handenschudders ter wereld; ze gaven je een slap handje en keken daar dan erg ongelukkig bij, alsof je hen zojuist een gebruikt kauwgommetje in de hand had geduwd.”
Helaas leveren soepele, gedetailleerde levensbeschrijvingen van elf uiteenlopende en interessante types niet direct een topboek op. Voor een dergelijke classificatie blijven de verhalen te veel beschrijvingen. De personages worden overtuigend neergezet, maar hun belevenissen kunnen niet meegeleefd worden. Alles wordt achteraf verteld, en daardoor kampt de roman met een gebrek aan actie. Elf blijft zodoende te veel een etalage van vaardig beschreven personages, die vooral een opzet naar een grote roman met allerlei ontwikkelingen lijkt. Rovers legt genoeg lijntjes uit voor intriges die gemakkelijk twee- of driehonderd pagina’s zouden kunnen vullen.
Dat hij deze mogelijkheid niet heeft uitgebuit, draagt bij aan de betekenis van de roman: de geïsoleerde indruk die de personages maken wordt door het gebrek aan intriges versterkt. Niet alleen hebben de personages vrijwel geen onderling contact, maar bovendien maken ze ook bijzonder weinig interessants mee. Hoewel hun levens in dezelfde roman worden beschreven, blijven Leen, Olivier, Mehrdad, Mauro, Loza en de anderen voor elkaar slechts passanten. Ze leven in hetzelfde wereldje, zijn allen vrienden van de verteller, maar dat is niet genoeg om hun isolement te doorbreken.
Zo is Elf niet alleen een collage van individuen, maar ook een dwarsdoorsnede van een maatschappij die gekenmerkt wordt door individualisme. Dit was wellicht minder duidelijk geweest als deze elf personages waren uitgegroeid tot romanhelden van overdonderende proporties die samen uiterst spannende avonturen beleefden. Nu is alles klein, nu is alles tastbaar. En daarin schuilt de kracht van Elf.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.



