Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

De bodemloze put van gelovigen en atheïsten

door Tom Boeije, 19 december 2010

Hans van der Beek is journalist van Het Parool en debuteerde in 2008 als fictieschrijver met Mijn vrouw heet Petra, waarin een eenzame man een obsessie krijgt voor actrice Chantal Janzen. De obsessie die Van der Beek in zijn nieuwste roman, Wees gegroet, beschrijft is van een andere orde: een levensbeschouwelijke. Jannes Notenboom en zijn broer Henri zijn in een hevige strijd verwikkeld, de eeuwige worsteling tussen atheïsten en gelovigen. Van der Beek laat op een heldere manier zien hoe dit verschil in levensopvatting een wig tussen twee broers kan drijven.

De moeder van Jannes en Henri overleed tien jaar geleden. Jannes stond haar dagelijks ter zijde en deelde veel leed met zijn moeder. Henri daarentegen heeft voor zijn moeders zielenheil gebeden en beweert dat hij de enige is die voor haar heeft gezorgd. Na de begrafenis – die Henri niet bijwoont omdat hij als Nieuwe Christen niet besmet mag raken met het katholicisme dat de moeder louter uit traditie nog aanhield – vertrekt Henri naar het hoofdkwartier in het Zwitserse Rehetobel. Daarna hebben de broers elkaar gesproken noch gezien.

Nu is barman Jannes verlaten door zijn vriendin Marianne, in wie hij de ware zag. Omdat hij zich alleen voelt en niemand heeft die hem troost kan bieden, besluit hij om zijn broer Henri op te zoeken. Een reis die onvermijdelijk tot een botsing leidt, al zijn de bedoelingen van beide broers nog zo goed. Jannes wil zijn broer weer in de ogen kunnen kijken, Henri wil zijn broer redden. De eeuwige strijd wordt al snel het hoofdthema: atheïsten willen het liefst met rust gelaten worden en hun leven leiden, gelovigen zijn vanuit hun overtuiging verplicht anderen te bekeren en hen van hun zondige leven af te helpen.

De spagaat van zowel Jannes als Henri is een intrigerend uitgangspunt, maar de uitwerking had scherper gekund. De discussie mist subtiliteit door de radicalisering van de christelijke partij. De Joden hebben Auschwitz aan zichzelf te wijten, kanker is een laatste handreiking van God. Een karikaturaal geschetste onvermurwbare christen, daar doen de aangebrachte nuances (huilen na moeders begrafenis, een biertje drinken en begaan zijn met Jannes’ lot) nauwelijks iets aan af. Zo’n gesimplificeerd personage is niet per definitie een zwakke plek, maar als ook de tegenspeler tot weinig opzienbarends in staat is wel. Er bestaat alleen een contrast in denkbeelden tussen Henri en Jannes, qua diepgang doen ze weinig voor elkaar onder.

Jannes bekijkt het geloof als onanie: lekker voor jezelf houden. Een vlot en simpel verwoorde opvatting, maar daarvan bevat Wees gegroet er net iets te veel. Eenvoudige gedachtes en simpel taalgebruik kunnen verfrissend werken, maar Van der Beek voert dit procédé te ver door. ‘Dat is dan duidelijk. Jannes houdt van duidelijk. Jannes houdt ook van bier. Nu, bijvoorbeeld.’ Met dat soort ‘duidelijke’ passages is Wees gegroet doorspekt. Alles is helder, en er bestaat geen ruimte voor eigen interpretatie door de lezer. Aan een spel met taal komt Van der Beek niet toe – of het moet het goedkope grapje van de titel zijn (dat overigens ook nog eens wordt uitgelegd).

Hun simpele inslag weerhoudt Henri en Jannes er niet van heikele kwesties te bespreken. Vooral het menselijk lijden zorgt voor verhitte momenten. Volgens Henri had hun moeder kanker als laatste redding. Ze kreeg de kans om tot God te komen en zijn genade te aanvaarden. Voor Henri een volkomen plausibele uitleg, voor Jannes een vlucht in excuses. God had zijn moeder toch van kanker kunnen genezen? Ze was een lieve en aardige vrouw. Van der Beek maakt pijnlijk duidelijk waar de schoen wringt en hoe ver Jannes en Henri van elkaar af staan.

De grens tussen heilig en profaan is echter niet overal even scherp. Zo vergelijkt Jannes bedevaartplaats Lourdes met Disneyland, terwijl zijn moeder heilige geneeskrachtige thee drinkt met een zoetje erin. Dergelijke contrasten brengen spot en humor in het verhaal en relativeren de grote levensvragen: wat is de juiste manier van geloven? Waar ligt de grens tussen geloof tastbaar maken en commercieel winstbejag? Mag lijden je verlichten door een zoetje te slikken of galgenhumor te uiten?

Op zulke vragen biedt Van der Beek geen bevredigende antwoorden. Misschien bestaan die ook niet. In Wees gegroet zitten in elk geval genoeg aanknopingspunten om deze eeuwenoude dilemma’s weer eens te overdenken. Dat de botsingen van de personages niet in mooie en intrigerende taal zijn gevat doet helaas wel af aan hun zeggingskracht.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.