Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

De genante vertoning als komisch uitgangspunt

door Lies Journée, 15 maart 2011

Plaatsvervangende schaamte kan soms een onwillekeurige neiging tot lachen teweeg brengen. Wie De hand van een vreemde leest, zal erkennen dat aan een dergelijke neiging regelmatig moet worden toegegeven. Alex van Warmerdam, misschien wel de meest getalenteerde multidisciplinaire kunstenaar die Nederland rijk is, publiceerde dit droogkomische romandebuut een jaar nadat hij zijn eerste schreden in filmwereld zette met de prachtige film Abel (1986). Zijn vooralsnog enige roman, waarin volgens uitgeverij Nieuw Amsterdam alle elementen van zijn meesterschap besloten liggen, werd in 2010 opnieuw uitgegeven.

De naamloze hoofdpersoon van De hand van een vreemde is schilder. Afgereisd naar het eiland St. Tomas heeft hij zich voorgenomen een goed schilderij te maken. Hij komt op vriendschappelijke voet te staan met de plaatselijke fietsenmaker, een hoogst opmerkelijke verschijning met een romp die haaks op zijn gestel staat. Ook zijn verhouding met Gézerst, de eigenaar van het gelijknamige hotel waar hij logeert, heeft een ogenschijnlijk amicaal karakter, al is Gézerst de enige die daar zijn best voor doet. De schilder moet weinig hebben van de papperige zestiger, maar diens jonge vriendin Edith schudt zijn jagersinstinct behoorlijk wakker: hij raakt smoorverliefd op haar.

De schilder uit Van Warmerdams roman lijkt het slachtoffer van een overmatig zelfbewustzijn. In zijn onzekerheid trekt hij zijn gedachten voortdurend in twijfel, wat resulteert in een eindeloze zelfreflectie die na een aantal bladzijden irritant begint te worden. De man schaamt zich wanneer een tiental vrouwen hem opmerkt terwijl hij toekijkt hoe zij het land zaaien. En gedreven door een bepaalde angst groet hij elke boer die hij tegenkomt tijdens zijn dagelijkse fietstocht door het landschap van St. Tomas:

‘Ongetwijfeld zijn deze boeren niet achterlijk en weten zij maar al te goed dat ik een stedeling ben die zijn angst boeren te minachten wil verbergen achter een joviaal opgestoken hand. Maar deze gedachte benadrukt alleen maar mijn angst boeren te minachten. Want achterlijk zijn ze natuurlijk.’

Als de schilder tijdens een wandeling verstrikt raakt in een ondoordringbare rookwolk die het resultaat is van in brand gestoken koeienkadavers, blijkt dat naderhand grote gevolgen te hebben. Zijn zicht is vertroebeld, hij proeft en ruikt anders en slaat wartaal uit. Hoewel deze schade zich snel weer herstelt, hebben de rookwolken ook iets aangetast wat niet meteen geneest: zijn hoge schaamtegevoel is veranderd in een totale schaamteloosheid. Dit betekent het startschot voor een verzameling absurdistische scènes, waarin de schilder een groot aantal obers tegen zich in het harnas jaagt en hevige ruzie krijgt met een bejaard Amerikaans echtpaar, wat zowel verbaal als fysiek wordt beslecht.

Naast zijn verdwenen schaamtegevoel blijkt ook een plotselinge grootheidswaan een gevolg van het rookgordijn. De schilder heeft ineens een hoge dunk van zichzelf als het gaat om zijn vakmanschap als schilder. De miserabele resultaten, die bij elke poging tot een briljant schilderij op het doek verschijnen, brokkelen zijn zelfverzekerdheid echter geleidelijk af. ‘Ik moet weer terug naar de rook,’ denkt hij bij zichzelf.

Net als in zijn films is Van Warmerdam in De hand van een vreemde voortdurend op zoek naar het conflict, waarin hij situaties opklopt tot genante vertoningen. ‘Gênant is vaak erg grappig. Volgens mij gaat veel humor over schaamte. Of over pijnlijke situaties,’ aldus Van Warmerdam in een interview met De Groene Amsterdammer uit 2001. En dienstbare types lenen zich uitstekend voor de totstandkoming van komische toestanden. In de roman vertaalt Van Warmerdams fascinatie voor onderwerping zich in het optreden van een grote groep obers en andere personages met serviele beroepen. De schilder heeft de obers erg hoog zitten, zoals in een restaurantscène duidelijk wordt:

‘Obers mogen je dan niet aankijken, ze houden je wel degelijk in de gaten, want ineens staat hij voor me.
“Is er iets niet in orde, meneer?”
Hij kijkt mij vriendelijk aan. Het is makkelijk om te zeggen dat alles in orde is, maar daar doe ik de ober geen eer mee aan; hij heeft zich dan immers vergist. Bovendien kijkt de ober mij aan en nog vriendelijk ook. Een ober die je vriendelijk aankijkt als er problemen zijn, dat is pas een ober. Zo’n man kan ik toch niet ten onrechte een vergissing in zijn schoenen schuiven?’

Vreemd genoeg is de omgekeerde wereld hier realiteit: het is voornamelijk de schilder die zich na enig pruttelen onderwerpt aan het gezag van de stugge obers.

Zijn neiging tot onderwerping is ook merkbaar in zijn liefde voor Edith. Eigenlijk weet hij niets van de roodharige schone, maar haar karakter kleurt hij in met zijn fantasie. In feite is de schilder verliefd op zijn zelf verzonnen droombeeld van Edith, want wat de lezer van haar te zien krijgt zijn de trekken van een ongeïnteresseerde en misleidende vrouw. De fantasierijke gedachten van de schilder zorgen voor een fictieve wereld binnen die van de roman. Hiermee geeft Van Warmerdam geeft de belevingswereld van zijn hoofdpersoon een surrealistisch tintje.

Met zijn absurdistische, droomkomische vertelstijl vol gewiekste dialogen, die ook zo karakteristiek is voor zijn films, creëert Van Warmerdam naargeestige situaties waarin de humor voortdurend op de loer ligt. Het is het leedvermaak dat tot een ongemakkelijke sfeer leidt. Een aanrader voor wie eens lekker gegeneerd wil lachen.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.