Aat Ceelen
King
(2010)
Nieuw Amsterdam
192 pagina's
€ 16,50
ISBN 9789046808993
Steun Recensieweb en koop dit boek bij Athenaeum (24-uurslevering)
oordeel
elders op recensieweb
Absurdistische rapsodie van Aat Ceelen
recensie van Aan mijn vrouw
Dromen van een Anita Meyer-lookalike
recensie van Door de liefde toegetakeld
andere recensies
Het eentonige leven van een luiwammes
door Emeraude van Deenen, 28 maart 2011
Een luie, vloekende, drinkende, kettingrokende dikzak; dat is het hoofdpersonage King in de gelijknamige ‘komedie’ van Aat Ceelen. Deze veelvraat vermorzelt op een dag tijdens zijn wandelingetje in het park een piepklein hondje, en ontmoet daarbij de bazin en tevens zijn tegenpool: ex-model Annie, superslank en met een bombastisch leven achter de rug. Het enige dat de twee gemeen hebben is een verslaving aan sigaretten.
Het verhaal zelf is eenvoudig van structuur: het is niet erg lang, heeft geen werkelijke ontwikkeling van enig personage en een enkelvoudige verhaallijn. Het lijkt er dan ook op dat het vooral draait om de lichtvoetige, slapstickachtige humor die Ceelen presenteert. Storend daaraan is dat het er een beetje té dik bovenop is gelegd, waardoor eerder de poging tot humor wordt benadrukt, dan dat het verhaal daadwerkelijk grappig is. Wanneer King zich verstopt omdat hij Annie weer tegenkomt in het park, vervolgens de struiken in duikt omdat haar hondje hem komt besnuffelen, en hier met zijn hand in een hondendrol durf ik dit, hoewel aan de flauwe kant, nog net grappig te noemen. Maar wanneer hij vervolgens zijn ring – een erfstuk – kwijtraakt, zijn hoofd flink stoot, een rolberoerte krijgt en zich daarna ook nog eens snijdt in een stuk glas wordt het geheel een beetje triest en helaas eentonig. Hetzelfde geldt voor Kings gevloek: is zijn ‘godskeleerte’ de eerste paar keer nog amusant, op een gegeven moment begint ook dit te vervelen.
Maar juist in deze aspecten van humor, die enige irritatie opwekken, zit ook de plot van het verhaal. Want al is de hoofdpersoon iemand bij wie je wel moet lachen om zijn lompheid, tegelijkertijd is hij meelijwekkend. De eentonigheid van het verhaal loopt parallel aan de eentonigheid in Kings leven:
‘Maar als zoveel in het leven van King – en in wiens leven niet? – kwam het er niet van, van studie noch reizen. Hoewel, je mocht misschien toch spreken van studie, al was het niet officieel: King bezat 153 boeken over het Behouden Huys; randliteratuur over scheepsbouw, cartografie en werken als bijvoorbeeld Cannibalism of a Yearling Polar Bear (Ursus maritimus) meegerekend. En misschien mocht je ook wel spreken van reizen: al had King het grootste gedeelte van zijn leven in zijn fauteuil gezeten, met z’n voeten op het bankje, z’n geest zweefde al lezend samen met de rook van de Caballero’s naar de Noord.’
Degene die aan zijn lamlendige leegheid een einde kan maken is natuurlijk Annie. De twee vormen een vreemde en verrassende combinatie: zo dik als King is, zo slank is Annie, zo lomp als hij is, zo elegant is zij. King heeft niets bereikt in zijn leven, Annie was model, heeft een zangcarrière achter de rug en was getrouwd met drie spannende mannen (die nu overigens allen overleden zijn).
Het geheel had nog gered kunnen worden door een origineel of verrassend einde, maar Ceelen kiest voor de makkelijke weg. Waarom King is aangevuld met vijf ‘bonusverhalen’ die de auteur al eerder publiceerde in zijn verhalenbundels, hoeft dan ook geen raadsel te heten; Het boek is eenvoudigweg niet bevredigend. Helaas maakt deze doorzichtige oplossing niet veel goed: de verhalen zijn nogal flauw. Zo is er bijvoorbeeld ‘Pjotrs sigaar’, over Pjotr die bang is voor de ‘hamerneger’ die ’s nachts langskomt om invaliden in elkaar te meppen. Om zijn angst te beteugelen belt hij midden in de nacht zijn ‘negervriend’ Henkie:
‘Niet zo vloeken, Henkie, dat is nergens voor nodig, er zijn mensen die het veel moeilijker hebben dan jij en die toch nooit vloeken, integendeel juist het hoofd deemoedig buigen en hun ziel in lijdzaamheid bezitten of hoe heet dat, en ben jij nou m’n vriend of niet, je moet het maar zeggen hoor, anders zoek ik gerust een andere negervriend die wel z’n plaats weet.’
Dat Ceelen het schijnbaar nodig vindt een aantal (niet bijster goede) verhalen die hij nota bene al eerder heeft gepubliceerd toe te voegen, zegt veel. King is een matig geslaagde komedie waarin voortdurend de plank wordt misgeslagen; de extra verhalen zijn volstrekt niet goed genoeg om dit te compenseren.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.



