Maarten van Buuren
Iris
(2011)
Arbeiderspers
230 pagina's
€ 18,95
ISBN 97890630575027
Steun Recensieweb en koop dit boek bij Athenaeum (24-uurslevering)
oordeel
Universitaire affaires en mislukte metaforen
door Irwan Droog, 18 mei 2011
Bas blikt in Iris terug op de vroege jaren tachtig, een periode uit zijn leven die vooral memorabel blijkt door zijn gejongleer met een handjevol vrouwen. Tijdens zijn bezigheden met Iris, Sabina, Margriet en Birgitte geeft hij colleges over literatuur, schrijft hij aan zijn proefschrift, probeert hij te wennen aan een nieuwe stad en baan en vindt hij ook nog tijd voor een vakantie. Het verslag van deze ‘ongestructureerde rommel’ tekent hij zo’n twintig jaar na dato op, waarbij hij zijn herinneringen moet aanpassen aan de (in oude agenda’s) hervonden werkelijke gang van zaken.
Maarten van Buuren, die in 2008 met Kikker gaat fietsen! een openhartige autobiografie schreef rondom zijn overwonnen depressie, laat in Iris zien hoe Bas tot een vergelijkbare zelfreflectie komt. En daar houden de gelijkenissen niet op. De levensloop van de auteur lijkt veel op die van het hoofdpersonage Bas, waarmee Iris de uitkomst van een literaire rekensom is geworden: Kikker gaat fietsen! min depressie, plus vrouwen.
Na een stukgelopen huwelijk krijgt Bas een ‘felbegeerde aanstelling’ aangeboden aan de universiteit van Waalstad. Hier begint hij een affaire met de reeds getrouwde Iris, medewerkster aan het Instituut voor Spaanse taal- en letterkunde. Zij kan, gevoed door wraakgevoelens jegens haar gevoelloze moeder, simpelweg geen weerstand bieden aan ‘een man die mijn romantische dromen vervult’. In haar huwelijk zijn afspraken gemaakt, waardoor ze zich niet hoeft in te houden qua amoureuze uitstapjes. Onhandig wordt het pas wanneer onduidelijk blijkt te zijn wat haar man precies weet over haar verhouding met Bas, en wanneer ze later zwanger wordt en niemand weet wie de vader is.
Ondertussen is het de bedoeling dat Bas binnen vier jaar zijn proefschrift schrijft. Zijn plan: alle metaforen uit boeken van Robert Musil, Marcel Proust en Emile Zola verzamelen, om zo voor elke roman ‘onder de oppervlaktetekst een tweede diepere tekst zichtbaar te maken die de oppervlaktetekst ter discussie stelt.’ De verleiding om als lezer dit principe op Iris toe te passen is groot, maar de uitvoering nagenoeg onmogelijk: hoe maak je onderscheid tussen ‘levende’ en ‘dode’ metaforen, terwijl die laatste categorie zodanig in het normale taalgebruik is ingesleten dat die vrijwel niet meer als metafoor geldt? En is niet bijna alles metaforisch op te vatten? Dat Bas, de ik-verteller van zijn eigen geschiedenis, deze problematiek betrekt op de tekst geeft de literatuurwetenschappelijke achtergrond een praktische plaats in de roman. Het onderzoek van Bas levert geen benoemenswaardige conclusies op, maar dat is voor de roman geen ramp. Wel is het zonde dat Iris niet opvalt door inventieve talige metaforiek, juist omdat de aandacht er door de thematiek op gevestigd wordt.
Andere achtergronden van de roman worden gevormd door het politieke en maatschappelijke klimaat van de vroege jaren tachtig, met Dries van Agt als minister-president, demonstraties tegen het plaatsen van Amerikaanse raketinstallaties en verschillende krakersrellen. Niet Bas maar zijn broer IJze gaat, getooid in wapenuitrusting (‘integraalhelm, skibril, palestijnensjaal’) het gevecht met de ME aan. Hier speelt de metaforiek die Bas zo bezighoudt weer op: is Bas, door het inpikken van Iris, niet ook een kraker, zoals IJze?
Deze thematiek geeft de roman een welkome diepte. Los van Bas’ bespiegelingen op zijn eigen beweegredenen (waarmee hij erachter komt dat hij zijn eigen ruiten ingooit uit angst voor verantwoordelijkheden) draait de roman namelijk vooral om overwegend oppervlakkige relaties. Bas verdeelt zijn tijd over een aantal vrouwen tegelijk, zoals ook Iris geen schroom toont in het najagen van vluchtige liefde. Daarmee is de toon gezet voor de rest van de optocht aan relaties die zich aan het oog van de lezer voltrekt. Wie doet het met wie, wie weet wat?
Zelfs de gelukkigst ogende paren blijken foutief ingeschat, en zelfs de trouwste gezinsvader scharrelt met een student-assistente. Niemand is perfect, zo leert Bas, maar juist imperfectie en ongestructureerde rommel kunnen zich lenen voor een goed verhaal. Van Buuren toonde dat op indrukwekkende wijze in Kikker gaat fietsen!, waar hij de innerlijke wanhoop die een depressie met zich meebrengt zonder oppervlakkig te worden omvormt tot een uitermate leesbaar verslag. Iris mist de vanzelfsprekende trefzekerheid waarmee hij eerder triomfeerde, maar toch is er iets van het effect van zijn toegankelijke en openhartige schrijfstijl blijven hangen in de overgang van autobiografie naar fictie.
Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.



