Recensieweb. Nieuwe literatuur. Nieuwe gidsen.

nieuwste recensies

De sores van een schrijver en zijn stervende huwelijk

door Tom Boeije, 6 maart 2012

Bijna kapot huwelijk, onberekenbare minnares, pas gestorven vader, streng gereformeerde opvoeding, mysterieuze hoofdpijnen. Het is een aardig rijtje beslommeringen waarmee auteur Robert Haasnoot zijn hoofdpersonage Paul Honsaat bestookt. Met dit soort ingrediënten ligt sentiment op de loer, evenals een forse dosis clichés. In Het Ruime Bed. Over de Dwaal- en Sluipwegen van de Liefde weet Haasnoot niet alle hindernissen te omzeilen, maar is hij bekwaam genoeg om met bekende middelen een spannend verhaal neer te zetten.

Paul ontmoet zijn minnares Maanke op een feestje, waar zij ietwat afgezaagd ‘één met de muziek’ is, en later blijkt ze ook over ogen te beschikken die ‘het landschap van de ziel afstropen’ (‘afstropen’ zorgt dan wel weer voor een mooie associatie). Zijn gebrekkige huwelijksleven is een vruchtbare bodem voor buitenechtelijke liefde, en Maanke lijkt de juiste vrouw op het juiste moment. Paul weet zijn vrouw Teresa zelfs zo ver te krijgen dat ze een ‘open huwelijk’ accepteert, maar al gauw slaat zijn genot over deze vrijheid om in jaloezie, omdat Teresa binnen de kortste keren met ene Roel aanpapt. Bovendien lijkt Maanke niet zo gemakkelijk te veroveren als Paul aanvankelijk hoopte.

Het afbrokkelende huwelijk wordt verder onder druk gezet door de autobiografische roman, Spiegelgevecht, die Paul bijna heeft afgerond. Teresa wil de publicatie voorkomen; Paul moet kiezen tussen hun huwelijk en de roman. ‘Dat je schrijver bent geeft je nog niet het recht om met mij en mijn gevoelens te spelen,’ zegt Teresa. ‘Hij speelt niet met haar gevoelens. In zijn boek speelt hij een spel met de werkelijkheid. Een geraffineerd spel, maar dat ontgaat haar, ze begrijpt niets van zijn schrijverschap,’ repliceert de verteller met Pauls gedachten. Zoals het een waar kunstenaar betaamt is Paul geneigd voor zijn werk te kiezen, al zou hij zijn kinderen liever niet in de steek laten.

We zien hier een man die vasthoudt aan zijn principes. Maar in hoeverre is een man daartoe gerechtigd als hij daarmee het geluk van anderen op het spel zet? En dwaalt Paul niet af van de werkelijkheid, door gebeurtenissen te vervormen in Spiegelgevecht? Heeft hij eigenlijk nog wel controle over zijn leven? De spiegel is een metafoor voor het onderzoek naar zichzelf, dat Paul tijdens het schrijven onderneemt. Maar de spiegel wordt aangesproken als een persoon (‘De spiegel verwijt hem dat hij feiten met fictie laat versmelten om zichzelf schoon te wassen. Teresa […] viel de spiegel bij.’), een personificatie die zelfs uitmondt in beledigingen – ‘Dwaas!’ roept de spiegel hem toe – en de opmerking dat de spiegel weet dat zijn einde nadert nu het boek af is en het gevecht voorbij.

Niet alleen Paul raakt verward, ook als lezer weet je steeds minder wie je wanneer moet geloven. Van de verteller moet je het niet hebben, die beperkt zich hoofdzakelijk tot het parafraseren van Pauls gedachten. Ook ontmoetingen met andere personages bieden weinig soelaas, die vergroten juist de verwarring omdat ze al even mysterieus overkomen in Pauls waarneming. Alleen de terugblikken, zowel naar Pauls kindertijd en het begin van zijn huwelijk als recentere over het heengaan van zijn vader, maken een betrouwbare indruk. Deze soms ontroerende passages bevestigen één ding: Paul is een getroebleerd persoon. De grondige uitwerking hiervan maakt inleving weliswaar eenvoudiger, duidelijkheid schept het niet.

Dat maakt Het Ruime Bed een intrigerende roman. Want hoewel Paul geen sympathiek personage is, is zijn gedrag zelden verwerpelijk in de meest strenge zin van het woord. Eerder krijg je medelijden met hem, omdat je dondersgoed aanvoelt dat het met deze man niet meer goed komt, ondanks dat hij zelf van mening is dat hij alles kan oplossen.

Dat wordt in kalme taal, zonder al te veel bombarie uiteengezet. Hier en daar waagt Haasnoot zich aan een metafoor, bijvoorbeeld om het rustige overlijden van Pauls vader onder woorden te brengen: ‘De dood had intussen geruisloos voetenvegend zijn intrede in het huis gedaan. Hij was een gewichtige gast die met veel gevoel voor decorum en timing op zijn verschijning liet wachten.’

Ondanks dat de auteur qua stijl weinig risico neemt, is hij wel op een paar schoonheidsfoutjes te betrappen. Zo loopt een zinnetje als ‘Uit een ooghoek ziet hij dat de Afrikaan in de stoel naast hem, hem zit op te nemen’ niet erg lekker, maar naarmate het verhaal vordert en Pauls aftakeling vastere vormen aanneemt, raakt dat soort onvolkomenheden naar de achtergrond. Ook de (over)bekende thema’s als een sleurvol huwelijk en de daarop volgende minnares blijken in de constructie van Het Ruime Bed helemaal niet storend, omdat ze logisch en pijnlijk voortkomen uit Pauls inborst en de omstandigheden waarin hij verkeert. Het Ruime Bed moet het niet hebben van genie, maar van het venijn waarmee feit en fictie (ook in het dagelijks leven) op elkaar inbeuken. Haasnoot heeft dat laatste voelbaar gemaakt.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.

Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.

Dit artikel is geprint van Recensieweb - www.recensieweb.nl.

Het auteursrecht berust bij de respectieve auteurs van de teksten op Recensieweb.
Het voortbestaan van Recensieweb mogelijk maken? Steun ons.